NJ 1994, 11
Rechter hoeft niet redenen op te geven van weigering om ten uitvoer te leggen voorwaardelijke straffen te vervangen door onbetaalde arbeid ten algemene nutte / afwijzing nader toegelicht aanbod van ontbetaalde arbeid voldoende gemotiveerd
HR 20-04-1993, ECLI:NL:PHR:1993:AD1869
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
20 april 1993
- Magistraten
Hermans, Beekhuis, Keijzer, Bleichrodt, Koster, Leijten
- Zaaknummer
92913
- LJN
AD1869
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1993:AD1869, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 20‑04‑1993
ECLI:NL:PHR:1993:AD1869, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 20‑04‑1993
- Wetingang
Sr art. 14g lid 2; Sr art. 22b; Sv art. 359 lid 8
Essentie
1. Geen wetsbepaling noopt de rechter ertoe in het bijzonder de redenen op te geven van de weigering om de ten uitvoer te leggen voorwaardelijke straffen te vervangen door onbetaalde arbeid ten algemene nutte. 2. Afwijzing van nader toegelicht aanbod van onbetaalde arbeid voldoende gemotiveerd.
Partij(en)
Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 29 nov. 1991 in de strafzaak
tegen
J.J.A.v.S., te Nijmegen, adv. mr. H.A. Schencke te Nijmegen.
Voorgaande uitspraak
Hof:
Proces-verbaal hoger beroep
Cliënt heeft beperkte geestelijke vermogens: hij is primair reagerend en denkt alleen op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.