NJ 1995, 199
Ontoereikende motivering strafoplegging 31 lid 1 WOTS; maatstaven voor strafomzetting / Rb. kon bij strafoplegging in aanmerking nemen dat veroordeelde ter terechtzitting heeft bekend meer dergelijke drugstransporten te hebben verzorgd
HR 21-12-1993, ECLI:NL:PHR:1993:AD2009, m.nt. A.H.J. Swart
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
21 december 1993
- Magistraten
Hermans, Beekhuis, Mout, Keijzer, Koster, Fokkens
- Zaaknummer
95510W
- Noot
A.H.J. Swart
- LJN
AD2009
- JCDI
JCDI:ADS146579:1
- Vakgebied(en)
Internationaal strafrecht / Overdracht en overname strafvervolging
Onbekend (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1993:AD2009, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 21‑12‑1993
ECLI:NL:PHR:1993:AD2009, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 21‑12‑1993
- Wetingang
WOTS art. 31 lid 1
Essentie
1. Ontoereikende motivering van de strafoplegging cfm. art. 31 lid 1 WOTS; maatstaven voor de strafomzetting. 2. Rechtbank kon bij de strafoplegging in aanmerking nemen dat de veroordeelde ter terechtzitting heeft bekend meer van dergelijke drugstransporten te hebben verzorgd.
Voorgaande uitspraak
Arrest op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage van 22 januari 1993 omtrent een verzoek van de Secretary for security van Hong Kong tot overname van de tenuitvoerlegging van een rechterlijke beslissing tegen A.F.B., zonder bekende woonplaats hier te lande, ten tijde van de bestreden uitspraak gedetineerd in het Huis ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.