NJ 1998, 874
Oordeel hof dat getuige (verbalisant) vraag waarom hij andere functie kreeg, niet hoeft te beantwoorden is gelet op verweer — verbalisant ongunstig bekend; disproportioneel geweld — niet zonder meer begrijpelijk
HR 30-06-1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC8326
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
30 juni 1998
- Magistraten
Hermans, Aaftink, Orie
- Zaaknummer
107604
- Conclusie
wnd. A-G Jörg
- LJN
ZC8326
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1998:ZC8326, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 30‑06‑1998
- Wetingang
Sr art. 267 lid 2; Sv art. 288 (oud); Sv art. 293 (vanaf 1 febr. 1998)
Essentie
Oordeel hof dat getuige (verbalisant) vraag waarom hij een andere functie kreeg, niet hoeft te beantwoorden is gelet op verweer — verbalisant ongunstig bekend; disproportioneel geweld — niet zonder meer begrijpelijk.
Voorgaande uitspraak
Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 29 april 1997 in de strafzaak tegen R.A.N.M., te Rotterdam, adv. mr. R.J. Baumgardt te Spijkenisse.
Hof:
Bewezenverklaring
Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat zij op 23 december 1993 te Rotterdam opzettelijk beledigend ambtenaren te weten (hoofd)agenten van gemeentepolitie Rotterdam, genaamd R.Ke. en W.G.F. van W., ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.