NJ 1998, 913
Ook als direct verband tussen tenlastelegging en aan getuige gestelde vraag ontbreekt, kan die vraag van belang zijn voor de uitspraak / door raadsman bij herhaling te verzoeken zijn vragen te beperken tot die welke direct verband houden met tenlastelegging, heeft voorzitter in deze zaak ondervragingsrecht verdediging op onjuiste gronden beperkt, ook al zijn er geen vragen belet
HR 06-10-1998, ECLI:NL:HR:1998:ZD1246
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
6 oktober 1998
- Magistraten
Haak, Davids, Schipper
- Zaaknummer
108013
- Conclusie
wnd. A-G Keijzer
- LJN
ZD1246
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1998:ZD1246, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 06‑10‑1998
- Wetingang
Essentie
Ook als direct verband tussen de tenlastelegging en de aan een getuige gestelde vraag ontbreekt, kan die vraag van belang zijn voor de uitspraak. Door de raadsman bij herhaling te verzoeken zijn vragen te beperken tot die welke direct verband houden met de tenlastelegging, heeft de voorzitter in deze zaak het ondervragingsrecht van de verdediging op onjuiste gronden beperkt, ook al zijn er geen vragen belet.
Voorgaande uitspraak
Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 12 juni 1997 in de strafzaak tegen B.E.A.W., te Bemmel, adv. mr. A.T.M. ten ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.