NJ 1999, 201
Strafvorderlijk beslag en verzoek tot vervallenverklaring paspoort op grond Paspoortwet
HR 24-11-1998, ECLI:NL:HR:1998:ZD1294
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
24 november 1998
- Magistraten
Haak, Bleichrodt, Corstens, Orie, Balkema
- Zaaknummer
3829
- Conclusie
wnd. A-G Jörg
- LJN
ZD1294
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1998:ZD1294, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 24‑11‑1998
- Wetingang
Sv art. 116 lid 1; Sv art. 552a; Paspoortwet art. 25; Paspoortwet art. 52
Essentie
Als de officier van justitie gebruik maakt van zijn bevoegdheid op grond van art. 25 Paspoortwet de vervallenverklaring van een inbeslaggenomen paspoort te verzoeken, ligt daarin besloten dat hij van oordeel is dat het belang van strafvordering de voortduring van het beslag niet vordert, zodat het beslag eindigt en klager in een beklag ex art. 552a Sv niet kan worden ontvangen.
Voorgaande uitspraak
Beschikking in raadkamer op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam van 20 februari 1998 op een beklag als bedoeld in artikel 552a van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.