NJ 2004, 496
Geen partijdige berechting door raadsheer.
HR 18-05-2004, ECLI:NL:HR:2004:AO6438
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
18 mei 2004
- Magistraten
Mrs. F.H. Koster, G.J.M. Corstens, W.A.M. van Schendel
- Zaaknummer
02093/03
- Conclusie
plv. P-G Fokkens
- LJN
AO6438
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2004:AO6438, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 18‑05‑2004
ECLI:NL:HR:2004:AO6438, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 18‑05‑2004
- Wetingang
Sv art. 423 lid 2; EVRM art. 6
Essentie
Geen partijdige berechting door het hof, waarvan een van de raadsheren deel uitmaakte van de kamer die de zaak eerder bij tussenarrest cfm art. 423 lid 2 Sv wegens schending van art. 268 Sv had verwezen naar de rechtbank.
Voorgaande uitspraak
Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 24 maart 2003, nummer 23/002483–01, in de strafzaak tegen R.J.M.B., adv. mr. G. Spong te Amsterdam.
Hof:
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep de verdachte ter zake van 'met iemand beneden de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.