JOL 2006, 172
Verdachte heeft niet uitvoeren tegenonderzoek aan zichzelf te wijten.
HR 21-03-2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV1150
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
21 maart 2006
- Magistraten
Mrs. F.H. Koster, B.C. de Savornin Lohman, J.W. Ilsink
- Zaaknummer
01124/05
- Conclusie
A-G Knigge
- LJN
AV1150
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2006:AV1150, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 21‑03‑2006
ECLI:NL:PHR:2006:AV1150, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 21‑03‑2006
Essentie
Verdachte heeft niet uitvoeren tegenonderzoek aan zichzelf te wijten.
Voorgaande uitspraak
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, van 17 januari 2005, nummer 21/005593–03, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1957, wonende te [woonplaats].
Hoge Raad:
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep — met vernietiging van een vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te Utrecht van 24 oktober 2003 — de verdachte ter zake van 'overtreding van artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.