Einde inhoudsopgave
RvdW 2008, 277
HR, 19-02-2008, nr. 02760/06
HR 19-02-2008, ECLI:NL:PHR:2008:BC2333
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
19 februari 2008
- Magistraten
Mrs. G.J.M. Corstens, J.P. Balkema, B.C. de Savornin Lohman, W.M.E. Thomassen, H.A.G. Splinter-van Kan
- Zaaknummer
02760/06
- Conclusie
A-G Vellinga
- LJN
BC2333
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2008:BC2333, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 19‑02‑2008
ECLI:NL:PHR:2008:BC2333, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑02‑2008
Beroepschrift, Hoge Raad, 05‑04‑2007
- Wetingang
Sv art. 51
Essentie
Bij de stukken zoals deze door de rechtbank zijn verzonden naar het hof zijn gevoegd een stelbrief van de raadsman en een brief met een verzoek om een kopie van het vonnis. Aangenomen moet worden dat het hof ten tijde van de behandeling kennis heeft kunnen dragen van deze brieven. Niet blijkt dat een afschrift van de dagvaarding in hoger beroep aan de raadsman is gezonden. Blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting is aldaar noch de verdachte noch diens raadsman verschenen. Voorop moet worden gesteld dat een raadsman in enige aanleg ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.