AB 2020/162
Gezinshereniging van gezinsleden buiten het kerngezin.
HvJ EU 12-12-2019, ECLI:EU:C:2019:1070, m.nt. M.A.K. Klaassen (Bevándorlási és Menekültügyi Hivatal (Regroupement familial – sœur de réfugié))
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
12 december 2019
- Magistraten
E. Regan, I. Jarukaitis, E. Juhász, M. Ilešič, C. Lycourgos
- Zaaknummer
C-519/18
- Noot
M.A.K. Klaassen
- Roepnaam
Bevándorlási és Menekültügyi Hivatal (Regroupement familial – sœur de réfugié)
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS194819:1
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2019:1070, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 12‑12‑2019
- Wetingang
Art. 10 lid 2 Richtlijn 2003/86/EG inzake het recht op gezinshereniging
Essentie
Bij gezinshereniging buiten het kerngezin hebben de lidstaten een ruime beoordelingsmarge, maar bij de implementatie van facultatieve bepalingen uit de Gezinsherenigingsrichtlijn moet er wel sprake zijn van een geïndividualiseerd onderzoek en moet rekening worden gehouden met de bijzondere situatie van vluchtelingen.
Samenvatting
[A]rtikel 10, lid 2, van richtlijn 2003/86/EG [moet] aldus worden uitgelegd dat het zich ertegen verzet dat een lidstaat de gezinshereniging van een niet in artikel 4 van die richtlijn genoemd gezinslid van een vluchteling toestaat wanneer dit gezinslid niet ten laste komt van de vluchteling, omdat anders de bovengenoemde voorwaarde elk ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.