NJB 2017/2099
Eigenwaarneming van de rechter als bewijsmiddel, art. 339 lid 1 onder 1e en 340 Sv: aan de enkele omstandigheid dat de eigen waarneming van het hof – van een album met kinderpornografische afbeeldingen ‒ niet op de terechtzitting is gedaan, kan niet de gevolgtrekking worden verbonden dat het hof de desbetreffende waarneming niet voor het bewijs heeft mogen bezigen, mede erop gelet dat het hof ter terechtzitting had aangekondigd de fotomap met afbeeldingen in raadkamer te zullen bekijken, terwijl de verdediging of de advocaat-generaal tegen deze gang van zaken geen bezwaar heeft gemaakt
HR 17-10-2017, ECLI:NL:HR:2017:2639
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
17 oktober 2017
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, Y. Buruma, A.L.J. van Strien
- Zaaknummer
16/00985
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2017:2639, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 17‑10‑2017
ECLI:NL:PHR:2017:1066, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 29‑08‑2017
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑08‑2016
- Wetingang
Essentie
Eigenwaarneming van de rechter als bewijsmiddel, art. 339 lid 1 onder 1e en 340 Sv: aan de enkele omstandigheid dat de eigen waarneming van het hof – van een album met kinderpornografische afbeeldingen ‒ niet op de terechtzitting is gedaan, kan niet de gevolgtrekking worden verbonden dat het hof de desbetreffende waarneming niet voor het bewijs heeft mogen bezigen, mede erop gelet dat het hof ter terechtzitting had aangekondigd de fotomap met afbeeldingen in raadkamer te zullen bekijken, terwijl de verdediging of de advocaat-generaal tegen deze gang van zaken geen bezwaar heeft gemaakt
Uitspraak
Inleiding:
Verdachte is veroordeeld omdat hij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.