Prg. 2026/14
Onafgebroken terbeschikkingstelling van 13 jaar levert misbruik op van Uitzendrichtlijn.
HR 21-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1733
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 november 2025
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink
- Zaaknummer
24/03307
- Conclusie
A-G mr. R.H. de Bock
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Arbeidsrecht / Arbeidsmarktbeleid en -bemiddeling
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1733, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:356, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 21‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 29‑08‑2024
- Wetingang
Art. 7:690 BW; art. 3 lid 1, 5 lid 5 Richtlijn 2008/104/EG; art. 8 Waadi
Essentie
Arbeidsovereenkomstenrecht. Is sprake van misbruik Uitzendrichtlijn, indien werknemer 13 jaar onafgebroken aan inlener ter beschikking wordt gesteld?
Ja. Duur inlening is langer, dan wat redelijkerwijs als tijdelijk kan worden aangemerkt, en voor daadwerkelijke duur terbeschikkingstelling wordt geen objectieve verklaring gegeven.
Samenvatting
Uitzendkracht werkt via verschillende uitzendbureaus 13 jaar onafgebroken bij (rechtsvoorganger van) inlener. Inlener staakt de bedrijfsactiviteiten en stelt een Sociaal Plan op, maar dat is niet van toepassing op inleenkrachten. Uitzendkracht stelt dat sprake is van misbruik van de Uitzendrichtlijn, als gevolg waarvan hij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd heeft met inlener. De ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.