NJFS 2024/248
Schending ne bis in idem beginsel bij vervolging op grond van art. 140 Sr na eerdere veroordeling wegens als leider deelnemen aan criminele organisatie, ondanks andere oogmerken.
Hof Den Haag 02-07-2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:1102
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
2 juli 2024
- Magistraten
Mrs. Th.W.H.E. Schmitz, R. van der Hoeven, E.A. Lensink
- Zaaknummer
2200117522
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2024:1102, Uitspraak, Hof Den Haag, 02‑07‑2024
- Wetingang
Art. 68, 140 Sr
Essentie
Ne bis in idem. Schending ne bis in idem beginsel bij vervolging op grond van art. 140 Sr na eerdere veroordeling wegens als leider deelnemen aan criminele organisatie met andere oogmerken. Onderscheid in oogmerken is kunstmatig.
Redactie: Uitgebreide motivering waarom sprake is van ‘hetzelfde feit’ bij vervolging op grond van art. 140 Sr terwijl verdachte al onherroepelijk is veroordeeld als leider van een criminele organisatie met andere oogmerken. Hoewel het gaat om dezelfde twee onderzoeken, is de uitkomst anders dan in Hof Amsterdam 20 december 2023, NJFS 2024/85.
Samenvatting
Verdachte ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.