De reikwijdte van medezeggenschap
Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/6.3.4.1:6.3.4.1 Toch een adviesrecht?
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/6.3.4.1
6.3.4.1 Toch een adviesrecht?
Documentgegevens:
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS384872:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook de noot van Kortmann bij NJ 2001/477 (YVC IJsselwerf) en R.H. van het Kaar, ‘Insolventie en arbeid’, TvI 2004, 48.
Hetzelfde standpunt heb ik eerder bepleit in ArbeidsRecht. Zie: I. Zaal, ‘Faillissement en doorstart: de positie van de OR en vakbonden’, ArbeidsRecht 2013, 40.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naar mijn mening moet de uitspraak van de Hoge Raad inzake YVC IJsselwerf beperkt worden uitgelegd. Faillissement en surseance van betaling kunnen niet zonder meer op één lijn worden gesteld.1 Zoals ik hierboven al opmerkte, kan ik de Hoge Raad volgen in de overweging dat in het geval van surseance geen sprake is van een belangrijke wijziging in de organisatie dan wel in de verdeling van de bevoegdheden. De Hoge Raad stelt dat door de benoeming van de bewindvoerder geen wijziging plaatsvindt in de verdeling van bevoegdheden, maar er slechts sprake is van een beperking van de bevoegdheden.
Bij faillissement is dit wezenlijk anders, omdat de curator bestuurder in de zin van de WOR wordt. De Hoge Raad laat zich niet expliciet uit over de eigen aanvraag van het faillissement, maar verwijst slechts naar de wetsgeschiedenis. De vraag is of uit deze enkele verwijzing naar de wetsgeschiedenis kan worden afgeleid dat de eigen aanvraag tot faillietverklaring niet adviesplichtig is. Ik denk het niet. Naast de omstandigheid dat de Hoge Raad deze verwijzing deed in het kader van de vraag die voorlag – is het verzoek tot verlenen van surseance adviesplichtig? – valt er op het standpunt van de minister het nodige af te dingen, zoals ik hierboven uiteenzette. Naar mijn mening wordt dan ook in de praktijk een te ruime werking aan de YVC IJsselwerf-beschikking gegeven. Het aanvragen van het eigen faillissement valt mijns inziens wel degelijk onder de reikwijdte van art. 25 WOR.2 Of het ook wenselijk is het adviesrecht onverkort te laten gelden, en of er mogelijke alternatieven zijn, zal ik in de paragrafen 6.7 en 6.8 onderzoeken. Hieronder bespreek ik eerst de andere mogelijkheden die de or ter beschikking staan.