AB 2012/195
Wettelijke grondslag. Wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag, is het in strijd met de rechtszekerheid om de vastgestelde rijksbijdragen ten nadele van de universiteiten te wijzigen.
RvS 18-01-2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV1210, m.nt. M. Claessens
- Instantie
Raad van State
- Datum
18 januari 2012
- Magistraten
Mrs. P. van Dijk, A.W.M. Bijloos en C.J. Borman
- Zaaknummer
201106165/1/H2.
- Noot
M. Claessens
- LJN
BV1210
- JCDI
JCDI:ADS911606:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2012:BV1210, Uitspraak, Raad van State, 18‑01‑2012
- Wetingang
Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW) art. 2.5, lid 4; Uitvoeringsbesluit WHW 2008 art. 4.1; Comptabiliteitswet art. 4
Essentie
Wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag is er geen bevoegdheid om de vastgestelde rijksbijdragen ten nadele van de universiteiten te wijzigen. Hieraan staat in de weg dat de daarmee corresponderende rijksbegroting niet (met goedkeuring van de Staten-Generaal) is gewijzigd.
Samenvatting
Naar aanleiding van een uitspraak van de Rechtbank Maastricht van 2 juli 2008 in zaak nr. 07/601 heeft de staatssecretaris een bedrag van circa € 1,29 miljoen aan de Universiteit Maastricht toegekend. De staatssecretaris heeft dit bedrag ten laste gebracht van het onderwijsdeel wo (€ 1,18 miljoen) en het onderzoeksdeel wo (€ 0,11 miljoen) van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.