NJ 1951/371
Is de curator in het faillissement van den werkgever bij ontslag van arbeiders gebonden aan art. 6 Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945?
HR 13-02-1951, ECLI:NL:HR:1951:198
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 februari 1951
- Magistraten
Mrs Fick, Sinninghe Damsté, Feber, Rombach, van Berckel
- Zaaknummer
[13021951/NJ_1951-371]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Materieel strafrecht (V)
Arbeidsrecht / Collectief arbeidsrecht
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1951:198, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑02‑1951
- Wetingang
Essentie
Is de curator in het faillissement van den werkgever bij ontslag van arbeiders gebonden aan art. 6 Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945?
Samenvatting
Nu een nadere wettelijke regeling als genoemd in art. 3 B.B.A. ontbreekt, geldt het verbod van art. 6 B.B.A., welk Besluit een latere en naar zijn strekking voor alle arbeidsverhoudingen geldende regeling inhoudt voor zover het daarbij zelf geen beperkingen aangeeft, ook voor den curator. Hierbij is het van geen belang, dat in art. 3 B.B.A. de regeling van de Faillissementswet niet met name is genoemd, aangezien de wel genoemde wetten duidelijk enuntiatiei zijn vermeld. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.