Forumkeuze in het Nederlandse internationaal privaatrecht
Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/16.5.6.2:16.5.6.2 Commuun internationaal privaatrecht
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/16.5.6.2
16.5.6.2 Commuun internationaal privaatrecht
Documentgegevens:
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS411968:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Voor de definitie van een 'recht van intellectueel eigendom' verwijs ik naar Pertegás Sender, in: Erauw (red.), Het WIPR becommentarieerd, p. 443.
Pertegás Sender, in: Erauw (red.), Het WIPR becommentarieerd, p. 445.
Bourlarbah, JT 6173, 2005, Le nouveau droit international privé Belge, p. 173-203, par. 226 gaat in op de verschillen tussen het eerste en tweede lid en de te trekken scheidslijn.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor geschillen over de registratie of de geldigheid van octrooien, merken, tekeningen en modellen en andere soortgelijke rechten die aanleiding geven tot deponering of registratie dient onderscheid te worden gemaakt tussen rechten die zijn geregistreerd of te registreren zijn binnen dan wel buiten een EG- c.q. verdragsluitende staat. In het eerste geval blijft voor commuun internationaal privaatrecht geen ruimte over binnen het materiële toepassingsbereik van EEX-V°Nerdrag, omdat art. 22 sub 4 EEX-V°/16 sub 4 Verdrag geldt ongeacht de woonplaats van partijen. Is het recht van intellectueel eigendom of een soortgelijk recht in Nederland geregistreerd of te registreren, dan is de Nederlandse rechter exclusief bevoegd. Voor rechten van intellectueel eigendom en soortgelijke rechten geregistreerd of te registreren in een andere EG- c.q. verdragsluitende staat, is art. 22 sub 4 EEX-V°/16 sub 4 Verdrag eveneens van toepassing en heeft de rechter in de betreffende EG- c.q. verdragsluitende staat exclusieve rechtsmacht. In het Nederlands commune internationaal privaatrecht bestaat dus slechts ruimte voor rechten van intellectueel eigendom die zijn geregistreerd of te registreren in derde staten. Het Nederlandse commune internationaal privaatrecht is niet opgenomen in Boek 1, Titel 1, Afdeling 1 Rv, maar met name vastgelegd in de bijzondere wetten of verdragen over deze rechten (bijv. art. 4.6 Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken, en tekeningen of modellen)). Deze wetten hebben geen betrekking op rechten van intellectueel eigendom geregistreerd of te registreren in derde staten, zodat voor geschillen over deze laatste rechten dient te worden teruggevallen op de algemene regels in Boek 1, Titel 1, Afdeling 1 Rv.
In België heeft de wetgever een andere oplossing gekozen door in art. 86 WIPR de bevoegdheid van de Belgische rechter voor geschillen betreffende intellectuele eigendom te regelen.1 Naast de algemene gronden voor bevoegdheid in de WIPR, zoals forumkeuze in art. 6 WIPR, is de Belgische rechter krachtens art. 86 lid 1 WIPR bevoegd, indien de vordering een tot het Belgische grondgebied beperkte bescherming van intellectuele eigendomsrechten betreft.2 In andere gevallen heeft het Belgische gerecht slechts internationale bevoegdheid in afwijking van de algemene bepalingen, indien de vorderingen betrekking hebben op de registratie of de rechtsgeldigheid van het recht van intellectueel eigendom waarvan de neerlegging of registratie in België is verzocht, heeft plaatsgehad of wordt geacht te hebben plaatsgehad in de zin van een internationale overeenkomst (art. 86 lid 2 WIPR).3 In het eerste geval is forumkeuze mogelijk, maar in het tweede geval sluit art. 86 WIPR nauw aan bij art. 22 sub 4 EEX-V°/16 sub 4 Verdrag en is een forumkeuze uitgesloten.
In het commune internationaal privaatrecht van Nederland en België verzet geen rechtsregel zich tegen het aannemen van bevoegdheid ter zake van de deponering of registratie van rechten van intellectueel eigendom of soortgelijke rechten in niet EG- c.q. verdragsluitende staten. Ten aanzien van geschillen over deponeringen en registraties van rechten van intellectueel eigendom buiten de EG- c.q. verdragsluitende staten behoudt een forumkeuze zijn werking, zowel in geval van prorogatie als derogatie van de rechtsmacht van de rechter. Het is echter de vraag of gerechtelijke uitspraken over de deponering of registratie van rechten van intellectueel eigendom in andere staten voor erkenning of tenuitvoerlegging in aanmerking komen.