Rb. Rotterdam, 15-12-2023, nr. ROT 23/1269
ECLI:NL:RBROT:2023:12295
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
15-12-2023
- Zaaknummer
ROT 23/1269
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:RBROT:2023:12295, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 15‑12‑2023; (Vereenvoudigde behandeling)
Uitspraak 15‑12‑2023
Inhoudsindicatie
Veelprocedeerder. Misbruik van recht en daarom afwijzing BOBOG.
RECHTBANK ROTTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 23/1269
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 december 2023 in de zaak tussen
[Naam], uit Zwijndrecht, eiser
en
het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht, verweerder
(gemachtigde: T. Franssen).
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen het niet tijdig beslissen door verweerder op zijn verzoek van 5 januari 2023.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.
Beoordeling door de rechtbank
2. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser wegens misbruik van recht geen ontheffing van griffierecht wordt verleend, zodat hij in verzuim is het in de zaak verschuldigde griffierecht te voldoen. Ter motivering wijst de rechtbank op een eerdere uitspraak in een procedure tussen partijen (ECLI:NL:RVS:2019:1652).
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.M. Goossens, rechter, in aanwezigheid vanL. van Zuijlekom, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op15 december 2023.
De griffier is verhinderd deze uitspraak mede te ondertekenen.
griffier | rechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.