NJ 1959/203
Rb. Haarlem, 18-03-1958
Rb. Haarlem 18-03-1958, ECLI:NL:RBHAA:1958:13
- Instantie
Rechtbank Haarlem
- Datum
18 maart 1958
- Magistraten
Mrs. Muller, Drabbe, van Leyden (plv)
- Zaaknummer
[18031958/NJ_1959-203]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap (V)
Personen- en familierecht / Huwelijk, relaties en echtscheiding
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBHAA:1958:13, Uitspraak, Rechtbank Haarlem, 18‑03‑1958
- Wetingang
B. W. art. 1609; Huurwet art. 27.
Samenvatting
De competentie van de Kantonrechter in huurzaken is van openbare orde, zodat bij vorderingen betrekkelijk tot huur en verhuur de Rb. zich ambtshalve onbevoegd moet verklaren.
Een vordering, gebaseerd op een in een huurovereenkomst voor het geval van verkoop opgenomen voorkeursrecht tot aankoop van het verhuurde object, is gèèn vordering betrekkelijk tot huur en verhuur of huur-bescherming in de zin der Huurwet.
Een van een schriftelijke huurovereenkomst deel uitmakend beding, zulk een voorkeursrecht inhoudend, blijft deel uitmaken van de mondelinge huurovereenkomst, ontstaan doordat na het eindigen van de huur-tijd de huurder ongestoord in het bezit van het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.