Prg. 2014/212
Harde eis van vakbond, dat zij niet met het Sociaal Plan wenst in te stemmen als er niet in een extra vergoeding voor de leden wordt voorzien, is onvoldoende om als objectieve rechtvaardiging voor ongelijke beloning te dienen.
Ktr. Utrecht 03-04-2014, ECLI:NL:RBMNE:2014:2795
- Instantie
Rechtbank Midden-Nederland (Kamer voor kantonzaken Utrecht)
- Datum
3 april 2014
- Magistraten
Mr. P.S. Elkhuizen-Koopmans
- Zaaknummer
2779010 UE VERZ 14-80 KvdS/11501
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBMNE:2014:2795, Uitspraak, Rechtbank Midden-Nederland (Kamer voor kantonzaken Utrecht), 03‑04‑2014
- Wetingang
Art. 6:248, 7:611 BW; aanbeveling 3.7 van de aanbevelingen van de Kring van Kantonrechters
Essentie
Arbeidsovereenkomstenrecht. Mag vakbond eisen dat in Sociaal Plan hogere vergoeding wordt opgenomen voor vakbondsleden?
Neen. Geen objectieve rechtvaardiging voor ongelijke beloning. Juridische positie van vakbonden wordt juist ontleend aan uitgangspunt dat vakbonden belang van werknemers in het algemeen dienen.
Samenvatting
Werkgever verzoekt ontbinding van arbeidsovereenkomsten wegens bedrijfseconomische redenen. Volgens het Sociaal Plan ontvangen leden van de vakbond een hogere vergoeding dan niet-leden. Werknemer – boventallig en geen vakbondslid – verzet zich tegen de hoogte van zijn ontslagvergoeding. Volgens hem is het gemaakte onderscheid tussen vakbondsleden en niet-leden onrechtmatig. Werkgever stelt dat het onderscheid geoorloofd is en dat de kantonrechter ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.