AB 2010/217
Havenoorlog op Terschelling, aflevering 1 over ‘aanlegplek’ 2. Beoordelingsvrijheid. Deugdelijke motivering. Zorgvuldigheid. Schaarse vergunningen. Verbeterde motivering in nieuw besluit op bezwaar.
RvS 20-05-2009, ECLI:NL:RVS:2009:BI4530, m.nt. L.J.A. Damen (Terschellingse havenoorlog I)
- Instantie
Raad van State
- Datum
20 mei 2009
- Magistraten
Mrs. M. Vlasblom, C.J.M. Schuyt, K.J.M. Mortelmans
- Zaaknummer
200805332/1/H3.
- Noot
L.J.A. Damen
- LJN
BI4530
- Roepnaam
Terschellingse havenoorlog I
- JCDI
JCDI:ADS874703:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2009:BI4530, Uitspraak, Raad van State, 20‑05‑2009
- Wetingang
Essentie
Havenoorlog op Terschelling, aflevering 1 over ‘aanlegplek’ 2. Beoordelingsvrijheid. Deugdelijke motivering. Zorgvuldigheid. Schaarse vergunningen. Verbeterde motivering in nieuw besluit op bezwaar.
Samenvatting
Bij het beantwoorden van de vraag of het doelmatig gebruik van de haven zich tegen vergunningverlening verzet, komt het college beoordelingsruimte toe. De bestuursrechter dient die norm, indien toegepast, uit te leggen en daarbij de invulling die het college daaraan geeft tot uitgangspunt te nemen. Voor de bestuursrechter moet daarom inzichtelijk zijn wat het college onder een doelmatig gebruik van de haven verstaat en in welke gevallen het vergunningverlening daarmee in strijd acht. Dit is niet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.