Einde inhoudsopgave
RvdW 2011/1043
Bouw ReststoffenEnergieCentrale (REC) onrechtmatig door ontbreken milieuvergunning als bedoeld in art. 8.1 Wet milieubeheer?
HR 02-09-2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ5099 (Stichting Afvaloven Nee/Omrin)
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
2 september 2011
- Magistraten
Mrs. E.J. Numann, A. Hammerstein, J.C. van Oven, W.D.H. Asser, G. Snijders
- Zaaknummer
10/02607
- Conclusie
A-G Spier
- LJN
BQ5099
- Roepnaam
Stichting Afvaloven Nee/Omrin
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Milieurecht / Inrichtingen en activiteiten - vergunningen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2011:BQ5099, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 02‑09‑2011
ECLI:NL:PHR:2011:BQ5099, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 13‑05‑2011
Beroepschrift, Hoge Raad, 07‑06‑2010
- Wetingang
BW art. 6:162; Wet milieubeheer art. 8.1
Essentie
Het handelen zonder vergunning is in beginsel onrechtmatig jegens degenen die aan het vergunningvereiste bescherming kunnen ontlenen. Zoals beslist in HR 3 november 2000, NJ2001/108 m.nt. ARB, is bij een vergunningvereiste als in die zaak (en in deze zaak) aan de orde het handelen zonder vergunning echter niet onrechtmatig indien nadien een vergunning wordt verleend waarin het concrete handelen van betrokkene wordt toegestaan. In het geval dat met voldoende mate van zekerheid is te verwachten dat een vergunning zal worden verleend waarbij het betrokken handelen wordt toegestaan, kan ervan worden uitgegaan dat dit handelen in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.