Klachtdelicten
Einde inhoudsopgave
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/4.3.1:4.3.1 Inleiding
Klachtdelicten (SteR nr. 65) 2024/4.3.1
4.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
J.L.F. Groenhuijsen, datum 13-02-2024
- Datum
13-02-2024
- Auteur
J.L.F. Groenhuijsen
- JCDI
JCDI:ADS946108:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk wordt de regeling van klachtdelicten – zoals opgemerkt – vanuit verschillende invalshoeken onderzocht om een goed beeld te krijgen van de vorm, inhoud en functie van de regeling van klachtdelicten. Hiervoor ging aandacht uit naar het wederrechtelijkheidsvraagstuk. De tweede invalshoek van waaruit de regeling van klachtdelicten wordt bezien betreft de rechtsbetrekking. Een rechtsbetrekking is een rechtstheoretische constructie die niet de gehele sociale werkelijkheid van de omgangsvorm tussen partijen beschrijft, maar slechts inzichtelijk maakt waartoe betrokkenen juridisch gezien over en weer zijn gehouden. Deze onderbepaalde aard van de rechtsbetrekking maakt haar bruikbaar om relaties in het recht te beschrijven, omdat wordt geabstraheerd van (sociale) omstandigheden die het beeld kunnen vertroebelen of onnodig kunnen compliceren.1 Het construct van de rechtsbetrekking wordt vaak gebruikt voor onderzoek dat rechtsdomeinen overstijgt.2 De rechtsbetrekking is echter ook geschikt voor de studie van rechtsfenomenen binnen één rechtsdomein. De toegevoegde waarde is dan met name gelegen in het inzichtelijk maken van de verhoudingen tussen verschillende rechtssubjecten die te maken hebben met dat rechtsfenomeen.
In dit laatste ligt de toegevoegde waarde voor het onderhavige onderzoek. De rechtsfiguur van het klachtdelict raakt immers aan de rechtspositie van verschillende (groepen) personen. Het al dan niet indienen van een klacht beïnvloedt direct de rechtspositie van de dader, het openbaar ministerie en het slachtoffer. Daarnaast ondervinden ook derden gevolgen van die keuze, omdat zij – als onderdeel van de maatschappij – zijn gebaat bij rechtshandhaving. Dit leidt tot de hoofdvraag voor dit onderdeel van het onderzoek: op welke wijze beïnvloedt het klachtvereiste rechtsbetrekkingen en wat zegt dit over de vorm, inhoud en functie van het klachtvereiste?