AB 2013/135
Voorrangsregeling Schadevergoeding Waterwet. Onduidelijkheid over de reikwijdte van art. 7.16 Waterwet bij de aanwijzing van bergingsgebieden.
RvS 31-10-2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY1730, m.nt. W.J. van Doorn-Hoekveld
- Instantie
Raad van State
- Datum
31 oktober 2012
- Magistraten
Mrs. P.J.J. van Buuren, M.W.L. Simons-Vinckx en N.S.J. Koeman
- Zaaknummer
201103930/1/R3.
- Noot
W.J. van Doorn-Hoekveld
- LJN
BY1730
- JCDI
JCDI:ADS641690:1
- Vakgebied(en)
Omgevingsrecht / Omgevingsvergunning
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Waterrecht (V)
Ruimtelijk bestuursrecht / Tegemoetkoming in schade (planschade)
Staatsrecht / Decentralisatie
Overheidsfinanciën / Bijzondere onderwerpen
Omgevingsrecht / Ruimtelijke ordening
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2012:BY1730, Uitspraak, Raad van State, 31‑10‑2012
- Wetingang
Essentie
Onduidelijkheid over de reikwijdte van voorrangsregeling in art. 7.16 Waterwet met betrekking tot schadevergoeding van planologische aanwijzing van bergingsgebied in bestemmingsplan.
Samenvatting
Voor zover appellant sub 29 aanvoert dat het onduidelijk is welke schade voor vergoeding in aanmerking komt, wordt overwogen dat de oorzaken van schade in dit verband moeten worden onderscheiden. Schade ten gevolge van de planologische aanwijzing van het bergingsgebied in het bestemmingsplan, zoals waardevermindering van agrarische gronden door de dubbelbestemming ‘Waterstaat — Waterbergingsgebied’, kan op grond van artikel 6.1 van de Wro voor vergoeding in aanmerking komen. Daarnaast bevatten de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.