Eigendomsgrondrecht en belastingen
Einde inhoudsopgave
Eigendomsgrondrecht en belastingen (FM nr. 161) 2020/16.4:16.4 Rechtsherstel door de Britse rechter
Eigendomsgrondrecht en belastingen (FM nr. 161) 2020/16.4
16.4 Rechtsherstel door de Britse rechter
Documentgegevens:
dr. T.C. Gerverdinck, datum 13-03-2020
- Datum
13-03-2020
- Auteur
dr. T.C. Gerverdinck
- JCDI
JCDI:ADS197334:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Mensenrechten
Toon alle voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als de Britse rechter constateert dat nationale formele wetgeving het EVRM schendt, kan op verschillende manieren rechtsherstel worden geboden. Een besluit van een public authority kan worden vernietigd of er kan schadevergoeding worden toegekend.1 Wat de rechter echter niet mag is een Act of Parliament buiten toepassing laten of onverbindend verklaren. Daarmee zou hij een onaanvaardbare inbreuk maken op de soevereiniteit van het parlement.2 Wat hij wél mag is in een aan hem voorgelegd geval de onverenigbare wet in concreto buiten toepassing laten; hij mag immers het daarop gebaseerde besluit vernietigen wegens strijd met het EVRM.
De vraag wat het gevolg moet zijn van een rechterlijke declaration of incompatibility van de hele wet moet door het parlement worden beantwoord.3 Het ligt voor de hand dat in zo een geval de wet zal worden aangepast om de strijd met het EVRM weg te nemen.4 In theorie is het echter mogelijk dat de wetgever ervoor kiest om de volgens de rechter onrechtmatige wetgeving in stand te laten. Het enige dat de burgers dan nog kunnen doen is naar het EHRM in Straatsburg stappen, maar ook dat Hof kan, net als de Britse rechter, slechts veroordelingen en schadevergoedingen uitspreken en niet het parlement dwingen tot wetswijziging, zij het dat massale veroordelingen en vooral massale schadevergoedingen, eventueel in pilot cases zoals de zaak Hutten-Czapska,5 een lidstaat materieel tot wetswijziging kunnen nopen.
Voor zover ik heb kunnen nagaan, heeft de Britse rechter eenmaal een schending van de Human Rights Act (de implementatie van het EVRM in het Britse recht) geconstateerd in een belastingzaak. In de zaak Fessal (zie par. 14.4.5) leidde de samenloop van verschillende wettelijke regimes tot het door de wetgever onbedoelde en ongewenste gevolg dat dezelfde winst tweemaal werd belast. De schending van artikel 1 Eerste protocol werd in dat geval weggenomen door de wet teleologisch te interpreteren, waardoor geen dubbele belastingheffing meer optrad. Tot rechtsherstel in de vorm van een declaration of incompatibility of schadevergoeding kwam het dus niet.