NJB 2021/2087
Nadeelcompensatie. Het waterschap heeft het maai- en baggerregime niet in het nadeel van appellante gewijzigd. Appellante heeft bovendien niet aannemelijk gemaakt dat de schade door de extreme regenval op 23 en 24 mei 2012 zonder de beweerde beleidswijziging zou zijn uitgebleven. Hierbij is van belang dat de bewijslast van het bestaan en de omvang van de schade en het causaal verband met de gestelde oorzaak van de schade op de aanvrager rust.
RvS 09-06-2021, ECLI:NL:RVS:2021:1199
- Instantie
Raad van State
- Datum
9 juni 2021
- Magistraten
Mrs. Borman, Verheij, Van Ravels
- Zaaknummer
201909415/1/A2
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2021:1199, Uitspraak, Raad van State, 09‑06‑2021
- Wetingang
(art. 7.14 Waterwet)
Essentie
Nadeelcompensatie. Het waterschap heeft het maai- en baggerregime niet in het nadeel van appellante gewijzigd. Appellante heeft bovendien niet aannemelijk gemaakt dat de schade door de extreme regenval op 23 en 24 mei 2012 zonder de beweerde beleidswijziging zou zijn uitgebleven. Hierbij is van belang dat de bewijslast van het bestaan en de omvang van de schade en het causaal verband met de gestelde oorzaak van de schade op de aanvrager rust.
Partij(en)
Uitspraak op het hoger beroep van: [appellante], gevestigd te [plaats], tegen de uitspraak van de Rechtbank Oost-Brabant van 15 november 2019 in zaak nr. 18/2509 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.