FED 2025/16
Verschil in behandeling WGA-uitkering in relatie tot toepassing arbeidskorting is discriminatoir, maar de Hoge Raad biedt geen rechtsherstel.
HR 15-11-2024, ECLI:NL:HR:2024:1657, m.nt. prof. mr. G.T.K. Meussen
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 november 2024
- Magistraten
Mrs. Van Eijsden, Feteris, Wortel, Boerlage, Van der Voort Maarschalk
- Zaaknummer
23/01393
- Noot
prof. mr. G.T.K. Meussen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS996166:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Heffingskorting
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 15‑11‑2024
ECLI:NL:HR:2024:1657, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑11‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 15‑11‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:459, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 26‑04‑2024
- Wetingang
Essentie
Verschil in behandeling WGA-uitkering in relatie tot toepassing arbeidskorting is discriminatoir, maar de Hoge Raad biedt geen rechtsherstel.
Samenvatting
Belanghebbende is in het jaar 2018 in dienstbetrekking werkzaam geweest. Hij is gedeeltelijk arbeidsongeschikt. Daarom ontving hij in 2018, naast het loon van zijn werkgever, een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten (hierna: WGA-uitkering) als bedoeld in Hoofdstuk 7 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (hierna: de Wet WIA). De werkgever van belanghebbende was niet bereid om de WGA-uitkering in ontvangst te nemen op basis van een machtiging als bedoeld in art. 67, lid 4 Wet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.