Einde inhoudsopgave
Intellectuele eigendom in het conflictenrecht (R&P nr. IE1) 2009/8.2.1.b.iii
8.2.1.b.iii Conclusie
mr. S.J. Schaafsma, datum 25-06-2009
- Datum
25-06-2009
- Auteur
mr. S.J. Schaafsma
- JCDI
JCDI:ADS466457:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie noot 98, 99 en 100 van dit hoofdstuk 8.
Dat probleem moet overigens ook niet worden overschat, vgl. ook Pertegás Sender 2002, p. 264 e.v.; Pertegás Sender 2006, p. 243. Bovendien kan dit probleem grotendeels worden ondervangen, zie par. 8.2.1 onder (d).
Pillet 1924, p. 19 resp. p. 29 (zie ook noot 95 van dit hoofdstuk 8).
Neuhaus 1976 (Freiheit), p. 195.
Schack 2007, p. 418. Tegelijkertijd zetten deze auteurs zich opvallend fel af tegen de lex loci protectionis-verwijzing, die zij als achterhaald afdoen — zo reeds Pillet in 1903, zie alinea 259 hiervoor. Zie ook Neuhaus 1976 (Freiheit), vgl. ook noot 48 van hoofdstuk 5); Schack 1979, p. 23; Schack 1988, p. 67; Schack 2007, p. 417; Schack 2008, p. 669.
1144. Lex loci protectionis. Dit alles in aanmerking nemende is naar mijn mening de exclusieve lex loci protectionis-verwijzing rechtspolitiek gezien de meest wenselijke conflictregel. Zij is uit inhoudelijk oogpunt volkomen neutraal: zij kiest niet voor de belangen van de rechthebbende noch voor de belangen van de `Allgemeinheit', zij laat de keuze voor een hoog of een laag beschermingsniveau over aan iedere rechtsgemeenschap voor zich. Zij respecteert de lokale autonomie over de `exclusiviteitsbalans'. En uit het oogpunt van voorspelbaarheid weet zij het best het evenwicht te bewaren.1 Tezamen genomen is de lex loci protectionis-verwijzing daarmee m.i. de rechtvaardigste conflictregel.
1145. Voor de goede orde zij opgemerkt dat met deze conclusie nog niet is gezegd dat het internationale intellectuele-eigendomsrechtelijke landschap daarmee op ideale wijze is ingericht. Uit het oogpunt van hanteerbaarheid kan de lex loci protectionis-verwijzing onaantrekkelijk zijn — zij kan immers leiden tot toepassing van een veelheid van rechtsstelsels, en dat kan bezwaarlijk zijn.2 En men kan het onwenselijk vinden dat per land verschillende resultaten uit de bus komen ten aanzien van een en hetzelfde object (`Mosaikbeurteilung'). Die problemen spruiten evenwel voort uit de aard van het intellectuele-eigendomsrecht, en zullen dus moeten worden opgelost door unificatie of harmonisatie van het intellectuele-eigendomsrecht. Het conflictenrecht kan niet meer doen dan de best mogelijke conflictregel ontwerpen — en dat is, als gezegd, m.i. de lex loci protectionis-verwijzing.
1146. Centrale aanknoping. Centrale aanknoping, zo bleek, is vanuit de gekozen rechtspolitieke invalshoek onwenselijk. Zij benadeelt één partij (de `Allgemeinheit') onevenredig zwaar wat betreft hanteerbaarheid en voorspelbaarheid, en zij respecteert de lokale autonomie over de `exclusiviteitsbalans' niet, sterker nog: zij laadt de verdenking op zich te zijn ingegeven door imperialisme van landen met een hoog beschermingsniveau en een grote productie van intellectuele voortbrengselen. Dit alles werpt een ander licht op de hoogdravende bewoordingen waarmee centrale aanknoping door sommige van haar voorstanders wordt aangeprezen. Zo is zij volgens de Fransman Pillet "naturel", "équitable", "indispensable", "la pure vérité juridique".3 De Duitser Neuhaus roept rond de lex originisverwijzing een sfeer van vrijheid en gelijkheid op.4 En zijn landgenoot Schack voorspelt: "Die Zukunft gehört dem Universalitätsprinzip und der weltweiten Anerkennung eines einheitlichen Urheberrechts."5
1147. Tussenstand. Nemen wij de tussenstand op. De zoektocht naar de beste conflictregel voor het intellectuele-eigendomsrecht is thans in beginsel volbracht. Eerst is onderzocht wat de aangewezen conflictregel is vanuit het oogpunt van het conflictenrecht zelf. Dat is, zo bleek, de exclusieve lex loci protectionis-verwijzing (par. (a)). Vervolgens is onderzocht wat rechtspolitiek gezien de meest wenselijke conflictregel is. En dat is, vanuit de hier gekozen rechtspolitieke invalshoek, eveneens de exclusieve lex loci protectionis-verwijzing (par. (b)). Daarmee ligt de conclusie gereed dat dit de aangewezen conflictregel voor het intellectuele-eigendomsrecht is. Maar er zijn meer invalshoeken denkbaar, en wellicht werpen zij een ander licht op de zaak. De gevonden conflictregel wordt daarom in de volgende paragrafen getoetst vanuit een drietal andere invalshoeken, eerst vanuit het oogpunt van de toenemende mondialisering en internet (par. (c)), dan vanuit het oogpunt van de werkbaarheid in de praktijk (par. (d)), en ten slotte komt de vraag aan de orde of `Zersplitterung' ofwel dépegage wenselijk is (par. (e)).