V-N Vandaag 2018/636
Hoge Raad heft tekort in rechtsbescherming bij intrekking principaal hoger beroep op
HR 23-03-2018, ECLI:NL:HR:2018:411
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 maart 2018
- Zaaknummer
17/02826
17/02827
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:411, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑03‑2018
Beroepschrift, Hoge Raad, 31‑01‑2018
Beroepschrift, Hoge Raad, 31‑01‑2018
Beroepschrift, Hoge Raad, 31‑01‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:127, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 31‑01‑2018
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat de ene partij cassatieberoep kan instellen tegen een brief waarin het hof meedeelt dat na intrekking van het (principale) hoger beroep van de andere partij geen uitspraak meer zal worden gedaan.
Samenvatting
Belanghebbende, X bv, komt in beroep tegen een boete. Rechtbank Zeeland-West-Brabant vermindert de boete van € 71.555 tot € 47.5000. De inspecteur is het niet eens met de vermindering en stelt hoger beroep in. Als hij inziet dat hoger beroep geen succes zal opleveren, besluit de inspecteur het hoger beroep in te trekken. Als X kennis neemt van de intrekking verzoekt ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.