Rechtsgevolgen van stille cessie
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/11.4.2.2:11.4.2.2 Afdracht van het ontvangene
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/11.4.2.2
11.4.2.2 Afdracht van het ontvangene
Documentgegevens:
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS589500:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hiervóór nr. 575.
Ook art. 6:162 BW en art. 6:212 BW kunnen eventueel als grondslag voor deze betalingsverplichting dienen. Zie T.M., Parl. Gesch. Boek 6, p. 164; M.v.A. II, Parl. Gesch. Boek 6, p. 168; Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-II* 2009, nr. 229.
Zie bijvoorbeeld, HR 23 juni 1995, NJ 1996,566 (FMN/PAP), m.nt. HJS.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
689. Heeft de schuldenaar na de overgang van de vordering ondanks de onbevoegdheid van de oude schuldeiser om nog betalingen in on tv angst te nemen, toch bevrijdend aan hem betaald,1 dan is de oude schuldeiser op grond van art. 6:36 BW gehouden om het ontvangene aan de nieuwe schuldeiser af te dragen.2 Is in de plaats van de nieuwe schuldeiser een derde inningsbevoegd, dan dient de oude schuldeiser aan de inningsbevoegde derde het aan hem betaalde af te dragen. Bestaat tussen de oude schuldeiser en de nieuwe schuldeiser een contractuele verplichting, zoals een factoringovereenkomst, dan kan de verplichting tot afdracht daaruit voortvloeien.3 De oude schuldeiser kan zijn verplichting tot afdracht van het aan hem betaalde verrekenen met een vordering die hij heeft op de nieuwe schuldeiser, bijvoorbeeld een vordering tot betaling van factor loon (art. 6:127 BW; vgl. art. 3:120 lid 2 BW).