Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/19.1
19.1 Inleiding
prof. mr. R. Schutgens, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
prof. mr. R. Schutgens
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
HR 31 december 1915, ECLI:NL:HR:1915:AG1773, NJ 1916, p. 407.
De bestuursrechter breidde deze bevoegdheid uit door zelfstandige schadebesluiten buiten de wetgever om als appellabel aan te merken, ABRvS 6 mei 1997, ECLI:NL:RVS:1997:AA6762, AB 1997/229 (Van Vlodrop), waardoor ook ‘los’ van het vernietigingsberoep bij de bestuursrechter over besluitenschade kon worden geprocedeerd.
Art. 8:89 lid 3 Awb. Start de benadeelde daarentegen bij de civiele rechter, dan vervalt deze keuzemogelijkheid, zie art. 8:89 lid 4 Awb.
ABRvS 2 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2081, JB 2017/152 (Knip). Het is dus niet zo, dat alleen degene die pas na indiening van zijn schadeverzoek ontdekt dat zijn schade de € 25.000 overstijgt, naar de burgerlijke rechter mag stappen.
Shoppen was ook onder art. 8:73 Awb al mogelijk, vooral na de erkenning van het appellabel zuiver schadebesluit. Het ging daar echter in feite om een buitenwettelijke en daardoor mogelijk niet steeds even rechtszekere procesvorm. De toegankelijke, goed gereguleerde verzoekschriftprocedure biedt een (nog) serieuzer alternatief voor de dagvaardingsprocedure.
In alle geschillen waarvoor de wet een bestuursrechtelijke rechtsgang openstelt, is – als gevolg van Guldemond/Noordwijkerhout1 – ook de burgerlijke rechter parallel bevoegd. Om de bestuursrechter te geven wat des bestuursrechters is, schaaft de burgerlijke rechter al decennia aan een stelsel van ontvankelijkheidsregels. Als zijn bestuursrechtelijke collega voldoende rechtsbescherming biedt, treedt de civiele rechter hoffelijk terug. Hoewel dit stelsel in zijn uitwerking inmiddels érg complex is geworden, wordt de basisgedachte daarvan alom onderschreven: voorkomen moet worden dat de rechtzoekende gaat ‘forumshoppen’. Die mogelijkheid zou immers de rechtsmacht van de gespecialiseerde bestuursrechter ondergraven, en bovendien zou de eiser kunnen proberen om door een strategische forumkeuze de uitkomst van het geschil te beïnvloeden. Terecht gaan de ontvankelijkheidsregels dit forumshoppen tegen.
Bij de inwerkingtreding van de Awb heeft de wetgever echter één mogelijkheid tot forumshoppen bewust gecreëerd. Onder de Awb werden de mogelijkheden van de bestuursrechter om bestuursorganen te veroordelen tot vergoeding van de door een vernietigd besluit veroorzaakte schade verruimd (artikel 8:73 Awb oud).2 Anders dan gebruikelijk verleende de wetgever de bestuursrechter hier géén exclusieve taak. De schadevergoedingsbevoegdheid van de bestuursrechter kwam náást die van de burgerlijke rechter en de keuze was aan de gelaedeerde.
Artikel 8:73 Awb oud heeft de eerste 25 jaar Awb niet overleefd. Al op 1 juli 2013 werd de bepaling vervangen door een gloednieuwe schadetitel met een laagdrempelige verzoekschriftprocedure. De nieuwe bevoegdheidsregeling knoopt aan bij het type schadeveroorzakend besluit. Krachtens artikel 8:89 lid 1 Awb is de bestuursrechter voortaan de exclusief bevoegde schadevergoedingsrechter voor onrechtmatige besluiten waarover de Hoge Raad of de Centrale Raad van Beroep (in enige of hoogste aanleg) oordeelt, alsmede, op basis van artikel 71a en 72a Vreemdelingenwet, in het vreemdelingenrecht. Op deze terreinen is de rol van de civiele schadevergoedingsrechter uitgespeeld. Krachtens artikel 8:89 lid 2 Awb daarentegen is bij de overige besluiten de civiele rechter juist de algemeen bevoegde schadevergoedingsrechter. Bij deze ‘8:89 lid 2-besluiten’ is er, mogelijk ingegeven door het oude artikel 8:73 Awb, voor de benadeelde een beperkte mogelijkheid tot forumkeuze behouden. (1) Veroorzaakt een onrechtmatig 8:89 lid 2-besluit een schade van ten hoogste € 25.000, dan mag de benadeelde deze ‘kleine schadezaak’ naar keuze aan de bestuursrechter of de burgerlijke rechter voorleggen. (2) Ook als het schadebedrag de € 25.000 overstijgt is er een keuze. Desgewenst mag de gelaedeerde éérst de bestuursrechter om € 25.000 schadevergoeding verzoeken, om daarna3 het restant te vorderen bij de burgerlijke rechter. Volgens de Afdeling mag de gelaedeerde zelfs in alle openheid zijn vordering ‘opknippen’, ook als hij van meet af aan te kennen geeft dat hij uit is op een totale schadevergoeding van meer € 25.000.4 De gelaedeerde kan dus bij alle schadezaken wegens 8:89 lid 2-besluiten, zijn schade ten minste gedeeltelijk aan de bestuursrechter voorleggen in plaats van uitsluitend de civielrechtelijke route te bewandelen. De benadeelde kan, zo gezegd, lekker shoppen.5
Dat roept de vraag op, bij welke schadevergoedingsrechter de door een 8:89 lid 2- besluit benadeelde voortaan het beste kan aankloppen. Ik probeer die vraag hierna te beantwoorden voor (1) kleine schadezaken en vervolgens voor (2) de grote. Deze beschouwingen monden uit in (3) de stelling dat Afdeling en CBb de komende 25 jaar als schadevergoedingsrechter nog lang niet zijn uitgespeeld.