RI 2013/26
COMI. Internationale bevoegdheid. Hoe dient bepaald te worden waar het ‘centrum van voornaamste belangen’ is gelegen en welke factoren of elementen zijn daarbij beslissend? (Jemnice c.s./ERED).
Hof Amsterdam 20-12-2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BY6980 (Jemnice)
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
20 december 2012
- Magistraten
Mrs. R.H. de Bock, G.J. Visser, D.L.M.T. Dankers-Hagenaars
- Zaaknummer
200.116.981/01
- LJN
BY6980
- Roepnaam
Jemnice
- JCDI
JCDI:ADS913165:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Europees insolventierecht
Insolventierecht / Faillissement
Internationaal privaatrecht / Internationaal bevoegdheidsrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2012:BY6980, Uitspraak, Hof Amsterdam, 20‑12‑2012
- Wetingang
Insolventieverordening art. 3
Essentie
COMI. Internationale bevoegdheid.
Hoe dient bepaald te worden waar het ‘centrum van voornaamste belangen’ is gelegen en welke factoren of elementen zijn daarbij beslissend?
Samenvatting
Een kredietgever vraagt het faillissement aan van twee debiteuren (houdstermaatschappijen) die statutair in Amsterdam zijn gevestigd. De schuldenaren betogen dat de Nederlandse rechter niet bevoegd is om een hoofdprocedure in de zin van de Insolventieverordening te openen, aangezien de COMI in Frankrijk zou zijn gelegen. De kredietgever tevens aanvrager van de faillissementen is echter van mening dat de statutaire vestigingsplaats als COMI heeft te gelden. Zowel de rechtbank als het hof constateren op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.