NJ 1931, p. 1015
Bijkomende straf of maatregel?
HR 08-12-1930, ECLI:NL:HR:1930:317
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 december 1930
- Magistraten
(Mrs. Jhr. de Savornin Lohman, Savelberg, Taverne, Schepel en de Menthon Bake.)
- Zaaknummer
[081930/NJ_1931,_p._1015]
- Conclusie
Conclusie van den Procureur-Generaal.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht (V)
Verkeersrecht / Voertuigeisen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1930:317, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑12‑1930
- Wetingang
(Motor- en Rijwielwet art. 31; Sr art. 9.)
Essentie
Bijkomende straf of maatregel?
Samenvatting
De in art. 31 der Motor- en Rijwielwet vermelde ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen is te beschouwen als een bijkomende straf, al wordt dit in geen enkele wetsbepaling uitdrukkelijk gezegd. Hierin wordt geen verandering gebracht door art. 31, 4e lid, — al moge dit voorschrift bij voorwaardelijke veroordeeling moeilijkheden kun
nen opleveren — zijnde deze bepaling van zuiver administratieven aard.
Voorgaande uitspraak
Op het beroep van den Procureur-Generaal bij het Gerechtshof te Amsterdam, requirant van cassatie tegen een arrest van dat Gerechtshof van 23 September 1930, voorzooverre daarbij in hooger beroep, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.