Bundeling van omgevingsrecht
Einde inhoudsopgave
Bundeling van omgevingsrecht (R&P nr. SB5) 2012/4.5.2.1:4.5.2.1 Wetssystematische tekorten
Bundeling van omgevingsrecht (R&P nr. SB5) 2012/4.5.2.1
4.5.2.1 Wetssystematische tekorten
Documentgegevens:
Mr. J.H.G. van den Broek, datum 01-12-2012
- Datum
01-12-2012
- Auteur
Mr. J.H.G. van den Broek
- JCDI
JCDI:ADS361000:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht (V)
Milieurecht (V)
Omgevingsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Par. 3.4.4.2.
Art. 3.1 Wabo.
Art. 3.7 lid 1 jo 3.10 Wabo.
Zie par. 3.4.4.1.
Zie par. 3.4.4.1.
Zie art. 3.7 lid 1 Wabo.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het subwetssysteem van hoofdstuk 3 van de Wabo Voorbereidingsprocedures bevat regels over de voorbereiding van beschikkingen. In dat hoofdstuk is het typisch juridisch ordeningscriterium algemeen-bijzonder1 gebruikt.
Paragraaf 3.1 bevat algemene bepalingen over de totstandkoming van de beschikking op de aanvraag om omgevingsvergunning. Het gaat onder meer om regels inzake de indiening van de aanvraag, de ontvangstbevestiging, het bericht welke voorbereidingsprocedure volgens het bevoegd gezag geldt2 en de redenen voor aanhouding van de beslissing op een aanvraag.3
De paragrafen 3.2 en 3.3 bevatten bijzondere bepalingen over de totstandkoming van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning. Paragraaf 3.2 bevat regels inzake de reguliere voorbereidingsprocedure. Paragraaf 3.3 bevat regels inzake de uitgebreide voorbereidingsprocedure. De reguliere procedure geldt tenzij de uitgebreide procedure expliciet van toepassing is verklaard.4
Hier is sprake van een intern wetssystematisch tekort.5De gebruiker van de Wabo is immers aangewezen op drie6 subwetssystemen7 alvorens de in de Wabo opgenomen samenhangende regels inzake de voorbereiding van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning voor hem kenbaar kunnen zijn.
Dit interne wetssystematisch tekort wordt bovendien nog gecombineerd met externe wetssystematische tekorten.8Een groot aantal regels inzake de voorbereiding van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning staat namelijk niet in de Wabo zelf, maar in de Awb. Hoofdstuk 3 Awb bevat algemene bepalingen over besluiten. In dit hoofdstuk staan in Afdeling 3.4bepalingen over de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. Hoofdstuk 4 Awb bevat bijzondere bepalingen over besluiten. De regels voor de reguliere voorbereidingsprocedure staan in Titel 4.1Beschikkingen van de Awb.
In dit verband wordt overigens nog opgemerkt, dat de Awb de uniforme openbare voorbereidingsprocedure in hoofdstuk 3 Awb als de algemene regeling kent en de reguliere voorbereidingsprocedure in hoofdstuk 4 Awb als de bijzondere regeling, terwijl de Wabo juist de reguliere procedure in paragraaf 3.2 Wabo als de algemene regeling en de uitgebreide voorbereidingsprocedure in paragraaf 3.3 Wabo als de bijzondere regeling aanmerkt, namelijk als uitzondering op de reguliere voorbereidingsprocedure.9 Daarbij komt nog dat de uniforme openbare voorbereidingsprocedure in de Wabo wordt aangeduid als uitgebreide voorbereidingsprocedure. Dit alles komt de kenbaarheid niet ten goede.
Het ordeningscriterium algemeen-bijzonder komt dus driemaal voor:
Awb (algemeen) - Wabo (bijzonder)
Hoofdstuk 3 Awb (algemeen) - Hoofdstuk 4 Awb (bijzonder)
Paragraaf 3.1 Wabo (algemeen) - paragrafen 3.1 en 3.2 Wabo (bijzonder)
Dit betekent dat de gebruiker van de Wabo, die wil weten wat rechtens is ten aanzien van de totstandkoming van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning de wetssystemen van de Wabo en de Awb zal moeten raadplegen. Binnen die wetten dient hij vervolgens vijf(sub)wetssystemen te raadplegen.
Het gaat om de paragrafen 3.1,3.2 en 3.3 Wabo, alsmede hoofdstukken 3 en 4 Awb. Indien bij de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag om een omgevingsvergunning een milieueffectrapport moet worden gemaakt, is artikel 13.2 Wm van toepassing (aldus art. 3.1 lid 5 Wabo), zodat alsdan ook het wetssysteem van de Wet milieubeheer moet worden geraadpleegd.
Het zou de kenbaarheid van de Wabo voor de gebruiker ten goede zijn gekomen, als de wetgever in de Wabo twee subwetssystemen zou hebben gecreëerd waarin alle regels zouden zijn opgenomen inzake de reguliere en de uitgebreide voorbereidingsprocedure. Wie een aanvraag zou indienen zou dan via een equivalent van artikel 3.7 lid 1 Wabo naar een van beide subwetssystemen worden verwezen waarin alle regels over de desbetreffende voorbereidingsprocedure zouden zijn opgenomen.