Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving (SteR nr. 1) 2010/III.5.1:III.5.1 Inleiding
Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving (SteR nr. 1) 2010/III.5.1
III.5.1 Inleiding
Documentgegevens:
Joost Sillen, datum 01-07-2010
- Datum
01-07-2010
- Auteur
Joost Sillen
- JCDI
JCDI:ADS584896:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De juridische status van een onrechtmatig wettelijk voorschrift bepaalt of het ‘herleeft’ als het ophoudt onrechtmatig te zijn, bijvoorbeeld doordat de norm waarmee het voorschrift in strijd was, wordt ingetrokken.1 Een voorbeeld uit de rechtspraktijk kan dat verduidelijken:2
Volgens de APV van de gemeente Dordrecht is het verboden om zonder vergunning te fietsen over het trottoir. Bij haar vaststelling was die verordening in strijd met de Motor- en Rijwielwet. Enkele jaren later wordt die wet echter ingetrokken. Na die intrekking overtreedt verdachte de APV en wordt hij daarvoor vervolgd.
Bij de strafrechter verweert verdachte zich met de stelling, dat de verordening nietig is, omdat zij ten tijde van haar vaststelling in strijd was met de Motor- en Rijwielwet. De intrekking van die wet doet volgens verdachte de overtreden verordening niet herleven.
De Officier van Justitie stelt zich echter op het standpunt, dat de APV door de intrekking van de Motor- en Rijwielwet wel herleeft. De onverbindendheid van de gemeentelijke verordening heeft volgens hem slechts tot gevolg, dat zij tijdelijk, dat wil zeggen: zo lang zij met de wet in strijd is, niet-toepasselijk is.
Of de strafrechter verdachte kan veroordelen, is afhankelijk van de vraag hoe hij de juridische status van een onverbindend voorschrift kwalificeert. Is hij van oordeel dat een onverbindend voorschrift nietig is – en dus blijvend uit de rechtsorde is verwijderd –, dan kan het niet herleven. Verdachte heeft in dat geval geen voorschrift overtreden en moet worden ontslagen van alle rechtsvervolging. Meent de rechter echter, dat een onrechtmatig voorschrift ‘slechts’ buiten toepassing moet blijven zonder dat het uit de rechtsorde verdwijnt, dan kan het herleven als de oorzaak van zijn onrechtmatigheid wordt weggenomen.