NJB 2020/896
Omvang hoger beroep na gedeeltelijke intrekking hoger beroep en sanctiebepaling art. 423 lid 4 Sv: indien bij samenloop van feiten niet tegen het vonnis in zijn geheel maar slechts tegen een of meer van die feiten hoger beroep is ingesteld, zal het hof – in geval van vernietiging ten aanzien van de sanctieoplegging – op de voet van artikel 423 lid 4 Sv voor de niet aan zijn oordeel onderworpen feiten de sanctie moeten ‘bepalen’. Dit betekent dat het hof moet beslissen welk gedeelte van de hoofdstraf en/of bijkomende straf(fen) en/of maatregel(en) geacht moet(en) worden door de eerste rechter te zijn opgelegd ter zake van het feit dat of de feiten die niet aan het oordeel van het hof is/zijn onderworpen
HR 24-03-2020, ECLI:NL:HR:2020:406
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
24 maart 2020
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, V. van den Brink en M.T. Boerlage
- Zaaknummer
18/00222
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:406, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 24‑03‑2020
ECLI:NL:PHR:2020:105, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 04‑02‑2020
ECLI:NL:PHR:2019:1088, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 29‑10‑2019
- Wetingang
Essentie
Omvang hoger beroep na gedeeltelijke intrekking hoger beroep en sanctiebepaling art. 423 lid 4 Sv: indien bij samenloop van feiten niet tegen het vonnis in zijn geheel maar slechts tegen een of meer van die feiten hoger beroep is ingesteld, zal het hof – in geval van vernietiging ten aanzien van de sanctieoplegging – op de voet van artikel 423 lid 4 Sv voor de niet aan zijn oordeel onderworpen feiten de sanctie moeten ‘bepalen’. Dit betekent dat het hof moet beslissen welk gedeelte van de hoofdstraf en/of bijkomende straf(fen) en/of maatregel(en) geacht moet(en) worden door de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.