NJ 1981, 149
ECRM, 08-10-1980, nr. 8974/80
ECRM 08-10-1980, ECLI:NL:XX:1980:AC0526, m.nt. E.A. Alkema
- Instantie
Europese Commissie voor de Rechten van de Mens
- Datum
8 oktober 1980
- Zaaknummer
8974/80
- Noot
E.A. Alkema
- LJN
AC0526
- JCDI
JCDI:ADS160778:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Arbeidsrecht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen / Bijzondere onderwerpen
EU-recht (V)
Arbeidsrecht / Bijzondere onderwerpen arbeidsrecht
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:XX:1980:AC0526, Uitspraak, Europese Commissie voor de Rechten van de Mens, 08‑10‑1980
- Wetingang
BBA 1945 art. 6 lid 1; BW art. 1639s; EVRM art. 6 lid 1
Essentie
Art. 6 1945 BBA niet in strijd met art. 6 Eur. Verdrag rechter van de mens.
Samenvatting
De toestemming van de Directeur van het GAB, vereist door art. 6 BBA 1945 voor beeindiging van een arbeidsverhouding, kan niet worden beschouwd als doorslaggevend voor de vaststelling van burgerlijke rechten en verplichtingen in de zin van art. 6 Eur. Verdrag.
Geschillen tussen werkgever en werknemer over de beeindiging van de arbeidsverhouding hebben wel betrekking op burgerlijke rechten in de zin van art. 6 Eur. Verdrag. Aan het in deze bepaling voorgeschreven rechterlijk toezicht is voldaan, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.