NJ 1942/546
Bewijs van het bestaan van eene vennootschap onder firma in een geding gevoerd tusschen de beide beweerde vennooten. Inschrijving in het handelsregister. Bewijs door getuigen. Bewijskracht der bewijsmiddelen.
HR 29-05-1942, ECLI:NL:HR:1942:137
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
29 mei 1942
- Magistraten
Mrs. van Loon, Fick, Nypels, Smits en Weitjens
- Zaaknummer
[29051942/NJ_1942-546]
- Conclusie
Mr. Berger
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Economische ordening
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1942:137, Uitspraak, Hoge Raad, 29‑05‑1942
- Wetingang
Essentie
Bewijs van het bestaan van eene vennootschap onder firma in een geding gevoerd tusschen de beide beweerde vennooten. Inschrijving in het handelsregister. Bewijs door getuigen. Bewijskracht der bewijsmiddelen.
Samenvatting
Na, naar 's Hofs feitelijke vaststelling, niet vaststaat, dat de akte van inschrijving door verweerder bestemd was om ten behoeve van eischer het bestaan der vennootschap te bewijzen, verplichtte geen enkele wetsbepaling het Hof aan die inschrijving volledig bewijs van het bestaan der vennootschap toe te kennen. Eischers beroep op art. 22 Handelsregisterwet faalt, vermits het daarbij bepaalde enkel betrekking heeft op de beteekenis der inschrijving tegenover derden, terwijl ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.