BR 2023/68
Planschade, artikel 6.1 Wro, compensatie in natura, reformatio in peius
ABRvS 12-07-2023, ECLI:NL:RVS:2023:2698, m.nt. J.S. Procee & N.J.K. Eijpe
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
12 juli 2023
- Magistraten
Mrs. B.P.M. van Ravels, E.J. Daalder en G.O. van Veldhuizen
- Zaaknummer
202102353/1/A2
- Noot
J.S. Procee & N.J.K. Eijpe
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS713849:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Algemeen
Ruimtelijk bestuursrecht / Tegemoetkoming in schade (planschade)
Omgevingsrecht / Omgevingswet
Bestuursrecht algemeen (V)
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2023:2698, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 12‑07‑2023
- Wetingang
(Art. 6.1 Wro)
Essentie
Planschade, artikel 6.1 Wro, compensatie in natura, reformatio in peius
Samenvatting
In deze uitspraak bevestigt de Afdeling dat bij compensatie in natura de onzekerheid over de duur en uitkomst van de procedure kan worden ondervangen door een concrete datum op te nemen waarop, bij het uitblijven van de compensatie in natura, wordt overgegaan tot uitbetaling van een bedrag aan planschade. Verder verduidelijkt de Afdeling de systematiek van artikel 6.1 Wro als het gaat om de bevoegdheid van een bestuursorgaan te beslissen op een aanvraag om een tegemoetkoming in planschade.
Partij(en)
Uitspraak op het hoger beroep ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.