NJ 1940/302
Schijn-akte, waarbij de lasthebber van den eigenaar een onroerend goed verkoopt, terwijl de kooper (schijn-kooper), na overschrijving van de akte, het goed verkoopt aan een derde te goeder trouw, van wien de eigenaar het goed revindiceert. Vordering afgewezen. Goede trouw van den eigenaarlastgever. Omvang van de werking van art. 1910 B. W.
HR 09-02-1940, ECLI:NL:HR:1940:231, m.nt. Prof. E.M. Meijers (Zendinggemeente)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 februari 1940
- Magistraten
Mrs. Visser, van Gelein Vitringa, Fick, Nypels en van der Meulen
- Zaaknummer
[09021940/NJ_1940-302]
- Conclusie
Mr. Berger
- Noot
Prof. E.M. Meijers
- Roepnaam
Zendinggemeente
- JCDI
JCDI:ADS131274:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1940:231, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑02‑1940
- Wetingang
(BW art. 1356, 1844, 1910.)
Essentie
Schijn-akte, waarbij de lasthebber van den eigenaar een onroerend goed verkoopt, terwijl de kooper (schijn-kooper), na overschrijving van de akte, het goed verkoopt aan een derde te goeder trouw, van wien de eigenaar het goed revindiceert. Vordering afgewezen. Goede trouw van den eigenaarlastgever. Omvang van de werking van art. 1910 B. W.
Samenvatting
Art. 1910 B. W. verleent bescherming aan het op de schijnakte gegronde vertrouwen van den nieuwen kooper, dat zijn verkooper eigenaar van het goed was geworden. Ondanks de letter van zijn tekst omvat het artikel alle gevallen, waarin partijen voorwenden eene overeenkomst door haar in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.