De beveiliging van persoonsgegevens
Einde inhoudsopgave
De beveiliging van persoonsgegevens (O&R nr. 135) 2022/7.3.1.1:7.3.1.1 Art. 4 lid 1 onder f en 33 Verordening 2018/1725
De beveiliging van persoonsgegevens (O&R nr. 135) 2022/7.3.1.1
7.3.1.1 Art. 4 lid 1 onder f en 33 Verordening 2018/1725
Documentgegevens:
mr. J.A. Hofman, datum 01-07-2022
- Datum
01-07-2022
- Auteur
mr. J.A. Hofman
- JCDI
JCDI:ADS660970:1
- Vakgebied(en)
Privacy (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hierover §1.4.3.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 4 lid 1 onder f van Verordening 2018/1725 bevat, net als art. 5 lid 1 onder f AVG, een beginsel inzake de verwerking van persoonsgegevens. Deze twee bepalingen zijn vrijwel identiek geformuleerd. Het enige verschil tussen hen is dat de AVG bepaalt dat de gegevens moeten worden beschermd tegen onder meer “onopzettelijk verlies, vernietiging of beschadiging”, terwijl Verordening 2018/1725 spreekt over “onopzettelijk verlies, onopzettelijke vernietiging of onopzettelijke beschadiging”. Aan dit verschil komt echter geen werkelijke betekenis toe, omdat beide artikelen tevens bepalen dat gegevens ook moeten worden beschermd tegen ongeoorloofde of onrechtmatige verwerkingen. De opzettelijke vernietiging en de opzettelijke beschadiging van gegevens zijn verwerkingen, en zullen op grond hiervan daarom alsnog moeten worden voorkomen.1 De eerste twee leden van art. 33 Verordening 2018/1725 zijn identiek geformuleerd aan de eerste twee leden van art. 32 AVG. De EU-wetgever en het HvJ EU hebben deze bepalingen niet verder ingevuld.