NJB 2024/1662
Beslagbeklag door derde inzake appartementsrecht, art. 552a jo 94a Sv: de toepasselijke beoordelingsmaatstaf is of buiten redelijke twijfel staat dat de derde als eigenaar van het inbeslaggenomen goed moet worden aangemerkt. De rechter moet daarvan in zijn beslissing blijk geven. Als die derde als eigenaar wordt aangemerkt zal de rechter ook moeten onderzoeken, en daarvan blijk moeten geven, of zich de situatie van art. 94a lid 4 of 5 Sv voordoet. In casu kon het hof oordelen dat de klaagster weliswaar moet worden aangemerkt als eigenaar van het appartementsrecht, maar dat dit aan haar is gaan toebehoren om de uitwinning van uit misdrijf afkomstig geld van haar ex-echtgenoot te bemoeilijken of te verhinderen en dat zij dat ten tijde van de aankoop ervan redelijkerwijs ook moest vermoeden, zodat het beklag in zoverre ongegrond is.
HR 09-07-2024, ECLI:NL:HR:2024:1014
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 juli 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, Y. Buruma, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
22/02179 B
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1014, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑07‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:521, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 14‑05‑2024
- Wetingang
Essentie
Beslagbeklag door derde inzake appartementsrecht, art. 552a jo 94a Sv: de toepasselijke beoordelingsmaatstaf is of buiten redelijke twijfel staat dat de derde als eigenaar van het inbeslaggenomen goed moet worden aangemerkt. De rechter moet daarvan in zijn beslissing blijk geven. Als die derde als eigenaar wordt aangemerkt zal de rechter ook moeten onderzoeken, en daarvan blijk moeten geven, of zich de situatie van art. 94a lid 4 of 5 Sv voordoet. In casu kon het hof oordelen dat de klaagster weliswaar moet worden aangemerkt als eigenaar van het appartementsrecht, maar dat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.