Beschadigd vertrouwen
Einde inhoudsopgave
Beschadigd vertrouwen 2021/11:11 Praktische aanbevelingen
Beschadigd vertrouwen 2021/11
11 Praktische aanbevelingen
Documentgegevens:
G.M. Kuipers MSc, datum 01-09-2021
- Datum
01-09-2021
- Auteur
G.M. Kuipers MSc
- JCDI
JCDI:ADS480809:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Waarover burgemeester Van der Laan overigens zijn eigen aanbevelingen heeft geschreven: Van der Laan 2011.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Schadeafhandelingsbeleid is vaak geënt op het positieve schadeafhandelingsrecht, terwijl die aanpak veelal onvoldoende is om beschadigd vertrouwen van burgers te herstellen. Wat kan een overheid beter doen bij grootschalige infrastructurele projecten ten behoeve van het algemeen belang waar schade is opgetreden, als zij beoogt om de vertrouwensrelatie te verbeteren en de burger geen verdere vertrouwensschade toe te brengen? Op basis van mijn vergelijkend onderzoek naar het schadebeleid bij de aanleg van de Noord/Zuidlijn,1 de overlast rondom de uitbreiding van luchthaven Schiphol en de schadelijke gevolgen van de gaswinning in Groningen, doe ik in dit hoofdstuk een aantal praktische aanbevelingen voor de jurist en beleidsmaker die in de praktijk betrokken zijn bij het opstellen van schadebeleid nadat een overheid schade heeft gefaciliteerd.
Het gaat hier niet alleen om wat juridisch kan en mag maar wat gezien de sociaalwetenschappelijke kennisbasis over vertrouwen en mijn vergelijkende studie wenselijk, vertrouwenwekkend handelen is als schadefaciliterende overheid. De aanbevelingen sluiten aan bij mijn theoretisch kader en casusanalyses, zodat de geïnteresseerde lezer de verdere onderbouwing en praktijkvoorbeelden in het onderzoek terug kan vinden. In onderstaande tekst worden zowel meer algemene, op beleidsmakers en -medewerkers gerichte suggesties gedaan, als meer praktische aanbevelingen voor schadeprotocol en -procedures, gericht op juristen (te vinden via het potloodje).
Figuur 11.1 Verhouding tussen zes principes van vertrouwenwekkend schadebeleid en hun onderliggende beleidsinstrumenten.
Zie Wijntjens 2020, p. 296.
En ten slotte:
Het relatieve belang van de principes
Uit mijn analyse concludeer ik dat het meest vertrouwenwekkende schadebeleid zich rekenschap geeft van alle zes principes en de meerderheid van de instrumenten. Tegelijkertijd heeft het relatieve belang van de principes met contextuele factoren te maken. De aanwezigheid van een private partij en de mate van samenwerking of zelfs verstrengeling van publieke en private belangen bij gefaciliteerde schade kan betekenen dat vanuit burgers veel behoefte is aan erkenning van hun leed vanuit de overheid. Dat effect wordt versterkt naar mate de schade ingrijpender is: gedupeerden willen zich dan des te meer gezien voelen. Hoe meer potentiële verstrengeling bestaat tussen de belangen van de overheid en private partij, hoe belangrijker tevens de ervaring van onafhankelijkheid en openbaarheid zal zijn in de ogen van gedupeerden. Openbaarheid is hiernaast van groot belang als onzekerheden bestaan over de toekomstige ontwikkeling van schade. In gevallen van grootschalige schade en grote aantallen gedupeerden ontstaat doorgaans een ingewikkeld proces; in deze situaties lijkt begrijpelijkheid en voortvarendheid van groot belang om de gedupeerden zo min mogelijk ‘een nummer’ te laten voelen en hen op deze wijze tevens erkenning te bieden. Als sprake is van verschillende groepen gedupeerden met gedifferentieerde schade, is het belangrijk te werken aan overzicht en begrijpelijkheid van het schadeproces. De overheid doet er tot slot goed aan gedurende het hele schadetraject in te zetten op participatiemogelijkheden zodat zij kan blijven bijsturen op de verwachtingen en voorkeuren van (verschillende groepen) gedupeerden.
Hoewel de meest succesvolle, vertrouwenwekkende aanpak in mijn onderzoek aandacht had voor alle zes principes, kan er gezien beperkte inzet van tijd en middelen aanleiding zijn om al naar gelang de contextuele omstandigheden sterk(er) in te zetten op deze principes en de onderliggende instrumenten. Ik beoog via bovenstaande inzichten ook hier handvatten en aanknopingspunten voor te hebben geboden.
Figuur 11.2 Verhouding tussen zes principes van vertrouwenwekkend schadebeleid en hun relatieve belang gezien bepaalde gefaciliteerde schade.