Forumkeuze in het Nederlandse internationaal privaatrecht
Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/17.4.3:17.4.3 Haags Forumkeuzeverdrag
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/17.4.3
17.4.3 Haags Forumkeuzeverdrag
Documentgegevens:
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS413200:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Nota van het Permanent Bureau over de vraag van het forum non conveniens in het perspectief van het ontwerp Haags bevoegdheids- en executieverdrag, doc. prél. 3, p. 12; Kramer, NIER 2006, p. 171.
Rapport Kessedjian, doc. prél. 7, par. 71 e.v. en 112.
Rapport Haines, doc. prél. 18, p. 13; Ibili, Gewogen rechtsmacht, p. 49.
Rapport Haines, doc. prél. 18, p. 6-7.
Ontwerp Rapport Dogauchi/Hartley, doc. prél. 26, p. 47.
Ontwerp Rapport Dogauchi/Hartley, doc. prél. 26, p. 23.
Rapport Schulz, doc. prél. 21, p. 8.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De auteurs van het ontwerp Haags bevoegdheids- en executieverdrag hebben in beginsel gekozen voor een gesloten systeem van bevoegdheidsgrondslagen. Zodra een eiser de procedure bij een gerecht aanhangig maakt bij een forum dat volgens dit verdrag bevoegd is, kan het gerecht de zaak niet weigeren, ongeacht de woonplaats, nationaliteit of verblijfplaats.1 Voor een redelijk belang toets is onder dit verdrag daarom geen ruimte, hoewel in de geschiedenis van totstandkoming niet expliciet een redelijk belang correctie aan de orde is geweest. Met name voor forumkeuze kan toetsing van het belang plaatsvinden die leidt tot een afwijking van het gekozen forum, omdat het gekozen forum in beginsel een exclusieve bevoegdheid is.2
In de aanloop tot de totstandkoming van het Haags Forumkeuzeverdrag is gesproken over de redelijkheid van een forumkeuze en de ontoelaatbaarheid van een forumkeuze gelet op de redelijkheid. Het gaat vooral om de situatie dat het gederogeerde gerecht is aangezocht in afwijking van een forumkeuze. Het gerecht toetst dan de redelijkheid van de forumkeuze om de forumkeuze niet geldig te achten en de zaak aan zich te houden.3 Uit de voorgeschiedenis van het Haags Forumkeuzeverdrag blijkt dat een 'redelijk belang' niet vereist is in tegenstelling tot het Nederlandse commune internationaal privaatrecht.4 Een reden hiervoor is in het bijzonder dat partijen daardoor de mogelijkheid wordt ontnomen een neutraal forum te kiezen.5Art. 5 lid 2 Haags Forumkeuzeverdrag sluit het afwijzen van bevoegdheid door het gekozen gerecht wegens de afwezigheid van een redelijk belang uitdrukkelijk uit.6 Het voorbehoud van art. 19 Haags Forumkeuzeverdrag, inhoudende dat het gekozen gerecht een band (`connection') tussen het geschil (` dispute') of de partijen en het gekozen forum mag of moet vereisen, heeft mijns inziens geen betrekking op het `redelijk belang' in de art. 8 en 9 Rv. Een 'redelijk belang' is immers een ander begrip dan een band tussen het geschil of de partijen en het gekozen forum. Het voorbehoud van art. 19 Haags Forumkeuzeverdrag staat open voor staten die een beleid hebben om zaken zonder band met die staat niet te doen berechten, althans te ontmoedigen.7 Nederland kan daardoor geen beroep doen op art. 19 Haags Forumkeuzeverdrag, zolang Nederland hierover geen beleid heeft. Het 'redelijk belang' van de art. 8 en 9 Rv kan niet als een zodanig beleid worden gezien. Ik wijs er bovendien op dat het voorbehoud van art. 19 Haags Forumkeuzeverdrag eng dient te worden uitgelegd. Een uitbreiding van art. 19 Haags Forumkeuzeverdrag tot een voorwaarde dat een redelijk belang voor het gekozen forum aanwezig dient te zijn, is niet toegestaan gelet op de uitdrukkelijke wens om de partij autonomie zoveel mogelijk te waarborgen en de uitdrukkelijke bepaling in art. 5 lid 2 Haags Forumkeuzeverdrag. Deze bepaling verbiedt de gekozen rechter om zich niet bevoegd te achten in weerwil van de forumkeuze, omdat het geschil door een gerecht van een andere staat moet worden berecht.