BNB 2026/68
Verstrekking van pauzedrankje niet bijkomstig aan verlenen van toegang tot theatervoorstelling, ook al is dit in de toegangsprijs begrepen
HR 13-03-2026, ECLI:NL:HR:2026:280, m.nt. B.G. van Zadelhoff
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 maart 2026
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Punt, Fierstra*
- Zaaknummer
23/04337
- Noot
B.G. van Zadelhoff
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD102901:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Tarief
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Omzetbelasting / Vrijstelling
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 13‑03‑2026
ECLI:NL:HR:2026:280, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑03‑2026
- Wetingang
Art. 9 lid 2 onderdeel a en Tabel I post a1 en post b14 Wet OB 1968
Essentie
Verstrekking van pauzedrankje niet bijkomstig aan verlenen van toegang tot theatervoorstelling, ook al is dit in de toegangsprijs begrepen
Samenvatting
Belanghebbende, een stichting, is een theaterexploitant. In de toegangsprijs voor een voorstelling is een drankje begrepen dat tijdens de pauze kan worden genuttigd. Er is keuze tussen een drankje met of zonder alcohol. Belanghebbende stelt zich op het standpunt dat het verstrekken van een pauzedrankje bijkomstig is aan de hoofdprestatie die bestaat uit het verlenen van toegang tot een voorstelling. Het verstrekken van een pauzedrankje deelt daarom het lot van de hoofdprestatie, hetgeen betekent dat het verlaagde tarief ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.