NJF 2022/413
IPR. Caribische zaak. Invloed van buitenlandse dwingendrechtelijke rechtsregel op motorrijtuigenaansprakelijkheidsverzekeraar in Sint Maarten.
GHvJ 02-09-2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:82
- Instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Datum
2 september 2022
- Magistraten
Mrs. E.A. Saleh, G.C.C. Lewin, E.M. van der Bunt
- Zaaknummer
SXM2015H00015
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Verzekeringsrecht / Schadeverzekering
- Brondocumenten
ECLI:NL:OGHACMB:2022:82, Uitspraak, Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 02‑09‑2022
- Wetingang
Essentie
IPR. Caribische zaak. Invloed van buitenlandse dwingendrechtelijke rechtsregel op motorrijtuigenaansprakelijkheidsverzekeraar in Sint Maarten.
Samenvatting
Redactie: Vervolg op Hoge Raad 18 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1443, NJ 2021/137. De les die uit het hofvonnis te leren valt, is dat op vakantie in Saint Martin, de in Sint Maarten gehuurde auto mogelijk niet voldoende verzekerd is.
In het arrest van de Hoge Raad werd het hofvonnis vernietigd omdat het hof niet kenbaar in zijn oordeelsvorming had betrokken, dat de toepassing van een dwingende bepaling van een ander land, in dit geval de in Frans Saint ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.