NJB 2025/2764
Opzettelijk valse of vervalste muntspeciën of valse of vervalste munt- of bankbiljetten uitgeven, art. 213 Sr: in casu kon het hof niet zonder meer oordelen dat de verdachte ‘zou moeten weten’ dat het biljet vals was en dat hij (voorwaardelijk) opzet heeft gehad op die valsheid. Voor een bewezenverklaring van (voorwaardelijk) opzet kon onder meer niet volstaan dat een teamleider in de winkel direct zag dat het biljet nep was omdat het watermerk ontbrak, de cijfers op het biljet groter waren en het biljet ook anders aanvoelde.
HR 25-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1780
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 november 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, F. Posthumus
- Zaaknummer
23/04478
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1780, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:1024, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 07‑10‑2025
- Wetingang
(art. 213 Sr)
Essentie
Opzettelijk valse of vervalste muntspeciën of valse of vervalste munt- of bankbiljetten uitgeven, art. 213 Sr: in casu kon het hof niet zonder meer oordelen dat de verdachte ‘zou moeten weten’ dat het biljet vals was en dat hij (voorwaardelijk) opzet heeft gehad op die valsheid. Voor een bewezenverklaring van (voorwaardelijk) opzet kon onder meer niet volstaan dat een teamleider in de winkel direct zag dat het biljet nep was omdat het watermerk ontbrak, de cijfers op het biljet groter waren en het biljet ook anders aanvoelde.
Uitspraak
Inleiding
Verdachte is veroordeeld omdat hij – kort gezegd – ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.