De bij dode opgerichte stichting
Einde inhoudsopgave
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/Bijlage D:Bijlage: Uittreksel V&S-wet
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/Bijlage D
Bijlage: Uittreksel V&S-wet
Documentgegevens:
mr. T.F.H. Reijnen, datum 01-09-2020
- Datum
01-09-2020
- Auteur
mr. T.F.H. Reijnen
- JCDI
JCDI:ADS232224:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Erfrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 27
Een stichting wordt opgericht door een rechtshandeling van één of meer natuurlijke personen of rechtspersonen waarbij een vermogen wordt aangewend ter verwezenlijking van een bepaald belangenloos doel. De stichting mag geen stoffelijk voordeel verschaffen aan de stichters, de bestuurders, of enig ander persoon, behalve, in dit laatste geval, indien dit kadert in de verwezenlijking van het belangenloos doel.
De stichting kent geen leden noch vennoten.
De stichting moet op straffe van nietigheid worden opgericht bij authentieke akte; indien deze laatste in de vorm van een testament gebeurt, dan kan de stichting giften bij testament verkrijgen niettegenstaande artikel 906, tweede lid van het Burgerlijk Wetboek. Zij bezit rechtspersoonlijkheid onder de voorwaarden omschreven in deze titel. De notaris moet na onderzoek de naleving van de bepalingen van deze titel bevestigen.
Een stichting kan worden erkend als zijnde van openbaar nut indien zij gericht is op de verwezenlijking van een werk van filantropische, levensbeschouwelijke, religieuze, wetenschappelijke, artistieke, pedagogische of culturele aard. Stichtingen die zijn erkend als zijnde van openbaar nut dragen de naam “stichting van openbaar nut”. De andere stichtingen dragen de naam “private stichting”.
Artikel 28
De statuten van een stichting vermelden ten minste:
de naam, voornamen, woonplaats, geboortedatum en -plaats van de stichters of, ingeval het een rechtspersoon betreft, de naam, de rechtsvorm en het adres van de zetel;
de naam van de stichting;
de precieze omschrijving van het doel of de doeleinden waarvoor zij is opgericht, alsook de activiteiten die zij beoogt om die doeleinden te bereiken;
het adres van de zetel van de stichting, die in België gevestigd moet zijn;
a)de wijze van benoeming, van afzetting en van ambtsbeëindiging van de bestuurders, de omvang van hun bevoegdheden en de wijze waarop zij deze uitoefenen;
in voorkomend geval, de wijze van benoeming, van afzetting en van ambtsbeeindiging van de personen gemachtigd om de stichting overeenkomstig artikel 34, § 4, te vertegenwoordigen, de omvang van hun bevoegdheden en de wijze waarop zij deze uitoefenen;
in voorkomend geval, de wijze van benoeming, van afzetting en van ambtsbeëindiging van de personen aan wie overeenkomstig artikel 3 het dagelijks bestuur van de stichting is opgedragen, de omvang van hun bevoegdheden en de wijze waarop zij deze uitoefenen.
de bestemming van het vermogen van de stichting bij ontbinding, dat tot een ideeel doel moet worden aangewend. De statuten kunnen evenwel erin voorzien dat, wanneer het belangenloos doel van de stichting is verwezenlijkt, de stichter of zijn rechthebbenden een bedrag gelijk aan de waarde van de goederen of de goederen zelf terugnemen die de stichter aan de verwezenlijking van dat doel heeft besteed;
de voorwaarden waaronder de statuten kunnen worden gewijzigd;
de wijze van regeling van belangenconflicten.
Artikel 29
§ 1. De private stichting verkrijgt rechtspersoonlijkheid vanaf de dag dat haar statuten en de akten betreffende de benoeming van de bestuurders worden neergelegd in het dossier bedoeld in artikel 31, § 1.
§ 2. De statuten van een stichting van openbaar nut worden meegedeeld aan de Minister die bevoegd is voor Justitie met het verzoek rechtspersoonlijkheid te verlenen en de statuten goed te keuren.
Rechtspersoonlijkheid wordt verleend indien het doel of de doeleinden van de stichting voldoen aan de voorwaarden bedoeld in artikel 27, vierde lid.
De stichting van openbaar nut verkrijgt rechtspersoonlijkheid op de datum van het koninklijk besluit waarbij zij wordt erkend.
§ 3. Niettemin kunnen in naam van de stichting verbintenissen worden aangegaan vooraleer zij rechtspersoonlijkheid bezit. Tenzij anders is overeengekomen, zijn zij die in enigerlei hoedanigheid dergelijke verbintenissen aangaan, daarvoor persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk behalve wanneer de stichting binnen twee jaar na het ontstaan van de verbintenis rechtspersoonlijkheid heeft verkregen en zij bovendien die verbintenissen binnen zes maanden na verkrijging van de rechtspersoonlijkheid heeft overgenomen. Verbintenissen overgenomen ontstaan door de stichting te zijn aangegaan.
Artikel 30
§ 1. In geval van een private stichting moet elke wijziging van de gegevens vermeld in artikel 28, 3° en 5° tot 8°, bij authentieke akte worden vastgesteld.
§ 2. In geval van een stichting van openbaar nut moet elke wijziging van de gegevens vermeld in artikel 28, 3° door de Koning worden goedgekeurd.
Elke wijziging van de gegevens vermeld in artikel 28, 5° tot 8° wordt vastgesteld door een authentieke akte.
§ 3. Indien ongewijzigde handhaving van de statuten gevolgen zou hebben die de stichter bij de oprichting redelijkerwijze niet kan hebben gewild en de personen die gemachtigd zijn de statuten te wijzigen, zulks nalaten, kan de rechtbank van eerste aanleg op verzoek van ten minste één bestuurder of op vordering van het openbaar ministerie de statuten wijzigen. Zij waakt erover daarbij zo min mogelijk van de bestaande statuten af te wijken.
Artikel 31
§ 1. Op de griffie van de rechtbank van koophandel wordt een dossier gehouden voor iedere private stichting en stichting van openbaar nut die in het arrondissement haar zetel of zetel van werkzaamheden in de zin van artikel 45 heeft. Ingeval eenzelfde stichting in België meerdere zetels van werkzaamheden heeft geopend, kan de neerlegging gebeuren op de griffie van de rechtbank van koophandel van het arrondissement waarin één van de zetels is gevestigd, zulks naar keuze van de stichting. In dat geval moet de stichting bedoeld in artikel 45 in haar akten en in haar briefwisseling de plaats vermelden waar haar dossier wordt gehouden.
§ 2. geschrapt - programmawet 27 december 2004 (B.S. 31december 2004)
§ 3. In het dossier worden neergelegd:
de statuten en hun wijzigingen;
de gecoördineerde tekst van de statuten na hun wijziging;
de akten betreffende de benoeming, de afzetting en de ambtsbeëindiging van de bestuurders en, in voorkomend geval, van de personen gemachtigd om de stichting te vertegenwoordigen; deze akten verduidelijken de omvang alsook de wijze waarop zij deze uitoefenen;
de jaarrekening van de stichting, opgemaakt overeenkomstig artikel 37;
de beslissingen en akten betreffende de omzetting van een private stichting in een stichting van openbaar nut die overeenkomstig artikel 44 tot stand komen;
de beslissingen en akten betreffende de ontbinding en de vereffening van de stichting.
§ 4. Op kosten van de belanghebbenden worden bekendgemaakt in de bijlagen tot het Belgisch Staatsblad:
de statuten en hun wijzigingen;
de akten betreffende de benoeming, de afzetting en de ambtsbeëindiging van de bestuurders en, in voorkomend geval, van de personen gemachtigd om de stichting te vertegenwoordigen;
de beslissingen en akten betreffende de omzetting van een private stichting in een stichting van openbaar nut die overeenkomstig artikel 44 tot stand komen;
de beslissingen en akten betreffende de ontbinding en de vereffening van de stichting.
§ 5. De Koning bepaalt de voorwaarden en de nadere regels voor de samenstelling van het dossier en de wijze waarop het kan worden geraadpleegd.
§ 6. De akten, documenten en beslissingen waarvan de neerlegging krachtens deze titel is voorgeschreven, kunnen slechts aan derden worden tegengeworpen vanaf de dag van neerlegging of indien ook de bekendmaking ervan krachtens deze titel is voorgeschreven, vanaf de dag van bekendmaking ervan in de bijlage bij het Belgisch Staatsblad, behalve indien de stichting aantoont dat die derden voor dat tijdstip van die stukken De derden kunnen zich evenwel op de akten, documenten en beslissingen beroepen die niet zijn neergelegd of bekendgemaakt.
In geval van tegenstrijdigheid tussen de neergelegde tekst en die bekendgemaakt in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, kan deze laatste niet aan derden worden tegengeworpen. Zij kunnen zich erop evenwel beroepen, tenzij de stichting aantoont dat zij kennis hadden van de neergelegde tekst.
Artikel 32
§ 1. Alle akten, facturen, aankondigingen, bekendmakingen en andere stukken die uitgaan van een stichting moeten de naam ervan vermelden, onmiddellijk voorafgegaan of gevolgd door de woorden “private stichting” of “stichting van openbaar nut”, alsook het adres van de zetel ervan.
Eenieder die in naam van een stichting meewerkt aan een in het eerste lid vermeld stuk waarop één van deze vermeldingen niet is aangebracht, kan persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor alle of voor een gedeelte van de verbintenissen die de stichting krachtens dit stuk heeft aangegaan.
§ 2. Alleen de stichtingen die overeenkomstig de bepalingen van deze titel geldig zijn opgericht, mogen de naam “stichting van openbaar nut” of “private stichting” voeren. Bij niet naleving van deze vereiste door een entiteit die al dan niet rechtspersoonlijkheid bezit, kan elke belanghebbende een vordering tot naamswijziging instellen bij de rechtbank van eerste aanleg van het arrondissement waar die entiteit haar zetel heeft.
Artikel 33
Met uitzondering van handgiften, behoeft elke gift onder de levenden [of bij testament, cursieve tekst vervallen per 3 augustus 2017, toev. TR] aan een stichting, een machtiging door de minister van Justitie of zijn vertegenwoordiger.
Deze machtiging is evenwel niet vereist voor de aanneming van giften waarvan de waarde niet hoger is dan 100.000 Euro.
De gift wordt geacht te zijn gemachtigd indien de minister van Justitie of zijn vertegenwoordiger niet heeft gereageerd binnen een termijn van drie maanden te rekenen van het aan hem gerichte verzoek tot machtiging.
De minister van Justitie bepaalt welke stukken bij het verzoek moeten worden gevoegd.
Ingeval het door de stichting toegezonden dossier niet volledig is, stelt de minister van Justitie of zijn vertegenwoordiger de stichting daarvan bij aangetekende brief in kennis, met vermelding van de ontbrekende stukken. De termijn van drie maanden wordt opgeschort met ingang van de datum van die verzending tot aan de toezending van alle gevraagde stukken.
De machtiging kan alleszins niet worden verleend indien de stichting niet voldaan heeft aan de artikelen 31 en 45.
Het bedrag bedoeld in het eerste lid kan worden gewijzigd bij een in ministerraad overlegd koninklijk besluit.
Artikel 34
§ 1. De stichting wordt bestuurd door een raad van bestuur bestaande uit minstens drie leden. Hij is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of dienstig zijn tot verwezenlijking van de doeleinden van de stichting.
§ 2. De leden van de raad van bestuur oefenen hun ambt collegiaal uit.
In uitzonderlijke gevallen, wanneer de dringende noodzakelijkheid en het belang van de stichting zulks vereisen, kunnen de besluiten van de raad van bestuur, ingeval de statuten dat toestaan, worden genomen bij schriftelijk akkoord van de bestuurders.
§ 3. De leden van de raad van bestuur kunnen overeenkomen de taken onderling te verdelen. Deze verdeling kan niet aan derden worden tegengeworpen, zelfs indien zij is bekendgemaakt.
§ 4. De raad van bestuur vertegenwoordigt de stichting in en buiten rechte als eiser of als verweerder.
De statuten kunnen echter aan één of meer bestuurders de bevoegdheid verlenen om alleen of gezamenlijk de stichting te vertegenwoordigen.
Zodanige bepaling kan overeenkomstig artikel 31, § 6, aan derden worden tegengeworpen. De statuten kunnen aan deze bevoegdheid beperkingen aanbrengen, maar deze beperkingen kunnen niet aan derden worden tegengeworpen, zelfs indien zij zijn bekendgemaakt.
Artikel 35
Het dagelijks bestuur van de stichting, alsook de vertegenwoordiging van de stichting wat dat bestuur aangaat, mogen op de wijze bepaald in de statuten worden opgedragen aan één of meer personen, al dan niet bestuurders, die alleen of gezamenlijk optreden.
Hun benoeming, afzetting en bevoegdheden worden geregeld door de statuten. Beperkingen van hun vertegenwoordigingsbevoegdheid ten aanzien van het dagelijks bestuur kunnen aan derden echter niet worden tegengeworpen, zelfs indien zij zijn bekendgemaakt.De bepaling dat het dagelijks bestuur wordt opgedragen aan één of meer personen die alleen of gezamenlijk optreden, kan aan derden worden tegengeworpen onder de voorwaarden bepaald in artikel 31, § 6.
Artikel 36
De stichting is aansprakelijk voor fouten die kunnen worden toegerekend aan haar aangestelden of aan de organen waardoor zij handelt.
De bestuurders en de personen belast met het dagelijks bestuur gaan in die hoedanigheid geen enkele persoonlijke verplichting aan inzake de verbintenissen van de stichting. Zij zijn alleen verantwoordelijk voor de vervulling van hun opgedragen taak en voor de fouten in hun bestuur.
Artikel 39
Alleen de rechtbank van eerste aanleg van het arrondissement waar de stichting haar zetel heeft, kan op verzoek van een stichter of van één van zijn rechthebbenden, van één of meer bestuurders of van het openbaar ministerie de ontbinding uitspreken van een stichting:
waarvan de doeleinden zijn verwezenlijkt;
die niet meer in staat is de doeleinden na te streven waarvoor zij is opgericht;
die haar vermogen of de inkomsten uit dat vermogen voor andere doeleinden aanwendt dan het doel waarvoor zij is opgericht;
die in ernstige mate in strijd handelt met haar statuten, of in strijd handelt met de wet of de openbare orde;
die gedurende drie opeenvolgende boekjaren niet heeft voldaan aan de verplichting om een jaarrekening neer te leggen overeenkomstig artikel 31, § 3, tenzij de ontbrekende jaarrekeningen worden neergelegd voor de sluiting van de debatten;
waarvan de duur ten einde is gekomen.
Zelfs indien de rechtbank de vordering tot ontbinding afwijst, kan zij de vernietiging van de betwiste handeling uitspreken.