Prg. 2017/197
Bij de bepaling van de alimentatie van de DGA kan het hof de stelling van de vrouw dat ook rekening moet worden gehouden met bedrijfswinsten (dividend) niet zonder meer negeren.
HR 19-05-2017, ECLI:NL:HR:2017:934
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
19 mei 2017
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, C.E. du Perron, M.J. Kroeze
- Zaaknummer
16/04135
- Conclusie
A-G mr. P. Vlas
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Alimentatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2017:934, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 19‑05‑2017
ECLI:NL:PHR:2017:174, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑03‑2017
- Wetingang
Essentie
Personen- en familierecht. Dient bij vaststelling draagkracht van directeur-grootaandeelhouder voor alimentatie louter diens inkomen te worden betrokken?
Nee. Naast salaris kan ook vennootschapswinst daarin een rol spelen.
Samenvatting
De man is in loondienst van een BV waarvan hij directeur-grootaandeelhouder is. In een echtscheidingsprocedure heeft de rechtbank de alimentatie bepaald. Het hof heeft deze verhoogd, zonder rekening te houden met de winsten uit de BV. Het enkele feit dat er sprake is van winstreserve, maakt volgens dit hof nog niet dat ruimte is voor dividenduitkering. De vrouw heeft dit gemotiveerd betwist, zonder dat het hof daaraan gevolg heeft verbonden. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.