Publicatieverplichtingen voor beursvennootschappen
Einde inhoudsopgave
Publicatieverplichtingen voor beursvennootschappen (IVOR nr. 74) 2010/16.1:16.1 De rechtseconomische onderbouwing van de twee hoofddoelstellingen van de publicatieverplichtingen
Publicatieverplichtingen voor beursvennootschappen (IVOR nr. 74) 2010/16.1
16.1 De rechtseconomische onderbouwing van de twee hoofddoelstellingen van de publicatieverplichtingen
Documentgegevens:
mr. J.B.S. Hijink, datum 16-09-2010
- Datum
16-09-2010
- Auteur
mr. J.B.S. Hijink
- JCDI
JCDI:ADS576688:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hoofdstuk 7 van deze studie beschreef ik de twee hoofddoelstellingen van de publicatieverplichtingen voor beursvennootschappen vanuit functioneel perspectief' het terugdringen van "agency-problemen" binnen beursvennootschappen en het verbeteren van de adequate werking van effectenmarkten. Beide hoofddoelstellingen zijn, ieder voor zich, opgebouwd uit drie deeldoelstellingen.1 Aan de hand van deze deeldoelstellingen bespreek ik in dit hoofdstuk en het volgende hoofdstuk de economische argumenten die de onderbouwing vormen voor het opleggen van de publicatieverplichtingen. Daarbij schenk ik eerst aandacht — in dit hoofdstuk — aan de economische rechtvaardigingsgronden voor het opleggen van publicatieverplichtingen met het oog op verbeteringen van de adequate werking van effectenmarkten. De reden om deze volgorde te hanteren is dat de economische onderbouwing van de publicatieverplichtingen die tot doel hebben "agency-problemen" binnen beursvennootschappen terug te dringen, verband houdt met en gedeeltelijk voortbouwt op de (onderbouwing van de) aanname dat de effectenmarkt adequaat functioneert.2