NJB 2023/1716
Medeplegen van de diefstal met geweld, art. 47 lid 1 Sr: in casu is sprake van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en de medeverdachte gericht op de gezamenlijke beroving van de aangever. De bijdrage van de verdachte is van zodanig gewicht geweest dat deze kan worden aangemerkt als medeplegen, waartoe mede relevant is dat de verdachte door het uiten van bedreigende woorden, het strafbare feit ook deels tezamen met de mededader heeft uitgevoerd. (Aldus conclusie A-G, waarnaar de HR verwijst).
HR 20-06-2023, ECLI:NL:HR:2023:942
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 juni 2023
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.L.J. van Strien, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
21/02792
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:942, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑06‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:421, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 09‑05‑2023
- Wetingang
(art. 47 Sr)
Essentie
Medeplegen van de diefstal met geweld, art. 47 lid 1 Sr: in casu is sprake van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en de medeverdachte gericht op de gezamenlijke beroving van de aangever. De bijdrage van de verdachte is van zodanig gewicht geweest dat deze kan worden aangemerkt als medeplegen, waartoe mede relevant is dat de verdachte door het uiten van bedreigende woorden, het strafbare feit ook deels tezamen met de mededader heeft uitgevoerd. (Aldus conclusie A-G, waarnaar de HR verwijst).
Uitspraak
Inleiding
Verdachte is veroordeeld wegens – onder meer en kort gezegd – (zaak met ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.